Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 184
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE MAGISTRATU.
156
den
souvereinen
laat
het
om
vorst
haar te kunnen
Door
Hier Hgt nu de souvereiniteits-quaestie. ontstaat
van
De
toestemming.
't
v^^ordt
vereine rechten gelijk, dan
de souvereiniteit gedeeld,
is
sluit
eo ipso
over en
een
creatuur,
ook over een mensch
dus
ook uitoefent het imperium
zijn
zijn
in,
zijn die
dat
sou-
ze hooger, dan
is
Daar nu God het imperium supremum
de souvereiniteit daardoor vernietigd.
zin,
Nu kan
aangenomen, dan met
van mensch over mensch
souvereiniteit
geen ander souvereine rechten over hem kan doen gelden, want
heeft
toe.
aannemen van eene ridderorde
land niet toestaan, dat door een burger van ditzelfde
een
band met een anderen souverein
een
land
constitutie
tegenover den vorst, die haar uitdeelt.
verplichting
zei<ere
de souverein
De Engelsche
dragen.
van een vreemde ridderorde aan geen Engelsch burger
dragen
engeren
in
zin,
den meest absoluten
in
daar
God
als
Drieëenige
over den persoon des menschen heerscht, zoo kan nooit een mensch over een
mensch eigen over
dien
souvereiniteit
wordt.
vernietigd
niteit
omdat altoos het imperium van God
uitoefenen,
persoon hooger staat en voorgaat en Daarin
rust
elk verschil die souverei-
bij
de grondstelling der Christelijke
religie,
men Gode meer gehoorzamen moet dan de menschen, dat overal, waar het rechtstreeksch imperium van God in strijd komt met dat van menschen over
dat
ons, dit imperium van
De tweede
2.
standige
menschen eo ipso
reden,
souvereiniteit
kan
uitoefenen
Hoe
ander met zich gelijk gevoelt.
van den
eenen
men elkander
bij
den kraag pakt of
onderworpen en en
kan
er
geweldenarij
te onttrekken, heeft nooit
zich
gerechtigd
macht.
ligt
zich
te
dat
hierin,
zelf-
de eene mensch den
wil zulk een rechtstreeksche souvereiniteit
mensch over den ander ontstaan
Zonder betooning van slavernij
vervalt.
waarom de eene mensch over den ander geen
Dit kan alleen, doordat
?
tot handtastelijkheden overgaat.
geweld wordt de eene mensch geen
souvereiniteit
geweest, maar als
niet aan den ander Evenwel is er zeker de onderworpene kans zag zich
bestaan.
iemand daarin kwaad gezien. Veeleer gevoelde men onttrekken aan een met geweld over zich geworpen
Een door den mensch met geweld verkregen souvereiniteit vindt
in
mensch geen grond, geen „Anklang". Iedereen gevoelt, dat wat persoon betreft de eene mensch met den ander gelijk staat. Dit is de diepe waarheid van het woord „égalité" in de leuze der Fransche Revolutie, het besef van den
die
evenwel
hierin
verkeerd
ging,
doordat
zij
zich
ook uitbreidde over den
uitwendigen toestand. 30.
De
laatste
mogelijkheid,
dat
de eene
mensch
souvereiniteit uitoefent
over den ander,
is,
werpt.
evenwel kan nooit eene souvereiniteit geboren worden, want
Daaruit
dat de laatste zich
bij
overeenkomst aan den eerste onder-
zich met zijn persoon aan een anderen persoon
onderwerpen
is
een onzedelijk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's