Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 470
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Altera).
36
waar
het
Is
worden
in
God drieëenig bestaat, dan moet daarvan op zijn werk het stempel
dat
is,
staan.
dat wezenlijk ontologische realiteit, dan
Gods schepping.
En nu
heid in heel het leven van de schepping
men dat
moet datzelfde teruggevonden
het metterdaad verrassend, hoe die drie-
is
is
te
ontwaren.
Heel het leven door
Na weg ingeslagen. Men vindt de ternaren ook nog bij Hugo van St. Victor en Thomas van Aquino. Eerst daarna is men er mindere beteekenis aan gaan hechten. Totdat in onze eeuw Hahn in
ontdekt
ternare begrip, de drieheid met einheitliche samenvatting.
Augustinus hebben bijna
kerkvaders denzelfden
alle
„Lehrbuch der Dogmatik", pag. 226 en 288, die heele
zijn
gieën opnieuw onderzocht,
het licht gesteld en
in
was
glippen van de leer der analogieën
leer
aangenomen
prijzenswaardig.
van de analo-
heeft.
Dat laten
Want men
misbruikte
men daarmee bewijzen, dat God een drieëenig bestaan heeft. men uit iemands werk tot zijn wezen besluiten, als men anders Bovendien, men verviel daardoor tot tritheïsme. Alom niet van hem weet. heeft men zelfs de drieëenheid verdedigd, met klem en kracht, maar in pantheïstischen zin. Maar toch heeft men bij dat reageeren de beteekenis van de leer der analogieën onderschat. Daarom moeten wij ze thans weer terugnemen, maar in haar ware beteekenis. En deze is geen andere, dat dat a posteriori kon
haar,
als
Maar
nooit kan
kosmos op elk terrein voor de openbaring gevonden hebben, dat in
het terugvinden van de ternaren in het leven van den
ons past en
waar
sluit,
wij eerst in
onzen God het bestaan drieëenig en wij vinden er daarna
is,
Maar
dat eene slechte correspondentie.
en dan
alzoo
bestaat,
kens
terugvind,
Wat nu
dan
als ik eerst in
werk van dien God dat
in het
leert,
dat
God
drieëenig
de Schrift vind, dat
is
God
ternare verschijnsel tel-
past en correspondeert alles zeer gemakkelijk voor ons.
analogieën
die
Als de Schrift ons
is.
de schepping geene enkele analogie van, dan
in
betreft,
zoo
heeft Augustinus eerst
gevonden
:
de
fontein, de beek en de rivier, met altoos hetzelfde water.
Veel hooger reeds stond zijne tweede analogie
met
eenzelfde
leven
door den stam heenpersen, en éen
dan anspielend op
de
al
te veel
veelvuldigheid
van
éene Zoon de draagkracht
pen wij
Maar Dat
is
soms dorus
de wortel, de stam en de tak,
in
den tak uitgaan.
den wortel opkomen,
in
Wortel en stam
zijn daarbij
takken en bladeren gaat het leven veelvuldig uiteen. Augustinus brengt
in
;
:
eenzelfden levensdrang, die
en
natuurlijk,
de is
voor
heeft
is,
zegt
in
of
men
zijne
al
die takken, enz.
Augustinus
de analogie, die de dricheid bijna
terug, als
hij
bijvoorbeeld wijst
werkingen des Heiligen Geestes
;
zegt, dat
de
Die Anspielung verwer-
maar de ternaar behouden we.
hoogtepunt
zijn
op de Drieëenheid
er
in
bereikt,
op het
licht wijst.
de eenheid zóo sterk aantoont, dat het
de Drieëenheid geheel
exegese op Ps. 50
als hij
:
in
vindt afgespiegeld.
„Sunt 3 species
:
Cassio-
species ignis, splen-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's