Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 330
college-dictaat van een der studenten
LOGUS DÈ PECCATÖ.
ÖÖ
mensch bekleed had
met
sanctitas,
en sapientia
justitia
opheft de sapientia maar reddit stultum
alleen
dat de zonde niet
;
en zoo ook injustum en non-
;
sanctum.
moeten
Wij
De Gerefor-
onderscheiden tussehen substantie en natuur.
nl.
meerde Kerk
dat
leerde,
substantie ongedeerd bleef,
de
maar dat de natura
Onder natura
sapiens stulta, van justa injusta, van sancta poüuta werd.
van
verstaan
wij
agendi
principium
het
den mensch, dat de levensbeweging
in
tot stand brengt.
peccatum or igi n ale inquin at
Het
lichaam
Ook
o
t
t ii
—
als ziel.
m hominem,
zoowel
waar-
het lichaam. Er bestaat eene richting in de Christelijke Kerk, die deze
maar ze per excessum onwaar maakte die het peccatum originale zocht in het lichaam. Dit hing samen met de beschouwing
heid beleed,
;
uitsluitend
bijna
van het peccatum
als iets stoffelijks, dat
ook van lichaam op
mensch voor
den
ziel.
Dat
overging van vader op zoon, en zoo
ook het standpunt der Roomschen;
is
van nature geschapen met een
als
stellen
zij
tussehen vleesch
strijd
lagere
God als donum superadditum de Justitia Originalis gaf om bedwang te houden. Dezelfde voorstelling vinden wij thans in de Moderne kringen, waar men steeds spreekt van een hoogere en natuur in den mensch. De Kerk bestrijdt die meening, niet dat de toe-
stand
thans
en
waarin
geest,
vleesch
het
terug
God
in
zoo
Op
geschapen.
Roomsche Kerk is
niet
is,
dit
als
ware de mensch zoo van nature door
standpunt toch vat
men
ze niet geheel verzonken in het ascetisme.
zijn
enkelen,
er
maal pogingen
Ging het
is
men
leven,
gename
om
is
als het tastbare. dit
een
Maar onder de Gereformeerden
grofweg zeggen,
bizonder
was de zonde
niet in het
kind
bestrijding
der zonde
Gods Woord
geen alte-
Doet men al deze Gods en toont wedergeboren
echter geheel te zoeken
in
dingen, te zijn.
de peripherie van
centrum, dan wordt de heiligmaking, die volgens
De mensch,
ten onder te houden,
:
—
is
zelf kastijden
centrale genadegift, verlaagd tot het doen van aan
dingen.
is
verstaat
die in een cel
De
daarom
punt,
het lichaam ten onder te houden.
reeds
op, dan
dit
Woord
reeds
drank drinken, vasten, vegetariër worden, zich
sterken
dan
die
op
g-7.,c|
consequent, ging niet ver genoeg op
niet
is
maar wel
't
zich zelf geeselt
zit,
Gods
vleesch onaan-
om
het dier
slechts de consequentie van deze leer. a-ap^
niet
somatisch,
maar
als
't
menschelijk leven
waar gezegd wordt, dat Jezus ons vleesch, 6 waar niet staat, dat g-':\ux onze menschelijke natuur aannam. Joh. 3 d. (T''m/xx, natuur uit zondige ouders geboren menschelijke uit maar de geheele 51 waar Jezus zegt, niet dat hij zijn a-',)^ux, maar zijn menschelijk wordt. Joh. 6 leven èn in den uitwendigen èn in den eeuwigen dood geven zal. Rom.8: 1,4 naar lichaam en i.
ziel.
Cf. Joh.
1
:
14,
:
:
J
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's