Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 973
college-dictaat van een der studenten
Caput Een
De Mediatoris
V.
observatie
laatste
Offichs.
de
geldt
§
De
8.
157
intercessione sacerdotali.
aanroeping der heiligen en de onderlinge
voorbede op aarde. Vele Christenen meenden, dat de TTpoa-xy^yr, van Christus kon opgewekt wor-
den en wel zoo dat
het lichaam van Christus deelen zijn, die
in
meer werking
op het Hoofd hebben dan andere en dat de zwakkeren deze nu opwekken hun invloed op het Hoofd personen,
allerheiligste
doen gelden.
te
meest
het
die
Christus'
gewone menschen met minder gloed en ten nu door in verband te komen met dus zoo'n dwaze gedachte
wendt
gen,
onder de beambten
is
die allerheiligste personen
Wie
iets
hier
in
bij
te krijgen.
zij
Men moet
nu van aan ?
eerste
die
Men kan
bijv,
en 't
soort
—
dan
is
de voorbid-
in
Zoo leeren de Roommaar tevens ook,
zonder verzoek.
dit
bidden
het
:
—
het eerste betreft
—
zonder
verzoek
bidden
dan
zijn,
bestaan weer twee
het bidden zonder verzoek sensu generali
daarom
er zeker tusschen
zal
Die
heiligen
alleen
niet
meer noodig hebben
dan
zij,
engelen voor de kerk bidden,
ons dan ook
—
te
— er
nemen, dat deze voor-
Als de kinderen Gods, verlost van het lichaam der zonde,
gebeds bestaan.
is
zijn
hen en Jezus wel een gemeenschap
immers met geestelijke
liefde vervuld
voor zich zelve, maar ook voor degenen, die voor de Kerk op aarde.
Dat de heiligen en
dus niets vreemds, veeleer gewoon en wordt
de Openbaring telkens zoo voorgesteld.
in
Daarover loopt echter de
Rome
:
een moeder hebben,
sensu generali en sensu speciali.
nl.
niet bestond.
Jezus
des
is
krij-
maar neemt een vriend
tweeërlei onderscheiden
geen enkele reden, waarom wij zouden behoeven aan
bij
Maria, de zich zelf
na hun dood bidden op verzoek.
Wat nu bede
:
haar sterven een erg goddeloozen zoon op aarde achterliet en die nu
afdeelingen
is
Op
van den koning gedaan wil
schen, dat de heiligen ook veel bidden uit eigen aandrift
Van
de
den arm, die weer op den Minister influenceert en zoo
den hemel voor hem bidt dat
;
Iedereen gebruikt dus tusschenpersonen.
ding op verzoek en die niet op verzoek. die
leven deelachtig waren
zich slechts zelden direct tot den koning,
op den koning.
Wat
niet.
om
Christus zijn dan de
bij
bezieling stonden verder af en hoop-
meer van Christus gedaan
apostelen, engelen enz., dit
Het naast
beweert,
dat
de
strijd
heiligen
niet
met Rome, maar wel hierover, dat
engelen een speciale kennis hebben van
en
bepaalde toestanden en daarom ook voor ons op bepaalde oogenblikken speciale
En
gebeden doen.
dit
nu moet ontkent op grond hiervan, dat de heiligen en
engelen noch de nooden van ons hart, noch onze uitwendige omstandigheden
weten betreft
en
—
er
dus
zie
omstandigheden
I
niet
Kon. 8 betreft
voor :
39
cf.
bidden
— Jes.
kunnen.
Wat de nooden van ons
alleen de Heere kent die;
63
:
16
hart
wat de uitwendige
waar van Abraham, de vader
aller
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's