Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 517
college-dictaat van een der studenten
§
We
hebben
doen
hier] 'te
Orpheus aan
bij
De mortuis
3.
41
eene soortgelijke verandering als plaatsgreep
nVet
graf
het
ante parousiam.
vrouw, toen
zijner
poëet optrad en de hel
als
hij
tegenvoer met de bekende woorden
Deus
Est
nobis, agitante calescimus
in
De woorden van
Costa).
vs.
bij
hetgeen voorafgaat aan vs. 23.
gelijk Delitzsch e. a. willen bij
niet,
Da
de Eurydice van
(cf.
illo.
en 24, die voorafgaan, hooren dus
23
vs.
25 en ver-
Zij
immers eenige karakteristieke, kenmerkende woorden en die zijn Men wijst wel op de betuigingen van onschuld, in het vorige niet te vinden. die in dit caput voorkomen, doch deze loopen door het gansche boek heen en zijn elders zelfs sterker dan hier. Bovendien zouden vs. 23 eu 24 dan op onderstellen
van onschuld onmiddellijk moeten volgen en dat
betuigingen
die
hier
is
ook
niet het geval.
De woorden van
24
vs. 23,
dus inleiding op
zijn
ding als aankondiging van woorden
vreemd aan de Hebreeuwsche
niet
litteratuur.
Zulk eene
vs. 25.
van bijzonder gewicht
is
de Psalmen
In
inlei-
dan ook volstrekt
komen
a.
o.
zij
meermalen voor.
Wat
zegt nu vs. 25 vv. ?
•^NK
dus op den voorgrond geplaatst
ik is
ongetwijfeld een terugslag op wat
Jobs
In
had van
getuige
worden
zijne
Eén
dat
;
een
leefde
hart
zijn
onschuld
20 sprake
zijner
tegenstanders
is,
wij hier
leeft
dit
woord
Job voelt zich tot
den
op
hem komen. en
is
vijand.
hier
in
tegenstelling
Hij zal
een, die het voor mij opne-
maar
is
hij
gericht.
er werkelijk, Ti
is
met het volgende
beteekenis van
de
zijn
hij
nsi;
:
stof,
;
hij
als
zal blijven leven
als hij reeds „afar" is
geloof
:
laatste,
ontknooping geven
:
uit
die
is,
dan
„Hij zal de laatste over het stof opstaan."
mpv
zal
„ik sta
de
op het tooneel
Hij zal
gewor-
de Getuige zal eens staan
voor
je",
Het woord pins* heeft adjectieve beteekenis
de
En
i?NJ,
komen, ook
hoogtepunt van
tegenover zijne vijanden.
hier
aan de zijde
oog
de hoop meer, dat
Hij heeft niet
Maar toch
met Job gedaan,
optreedt,
heb een
ik
op God
zijn
stervende, de Getuige zal in het land der levenden niet meer
dit is hier het
zijn stof
Dat
het
staat
van den dood.
beeld
:
den hemel een
zijne vrienden scharen zich
en bepotten hem, maar hij
in
hij
Dezelfde tegenstelling, waarvan daar
Hij bestaat niet in mijn verbeelding,
zal. ;
:
dat
heeft.
den hemel hem recht gedaan zou
uit
onschuld kende.
nu met het oog daarop zegt
men
dat
;
gezegd
17s.s.
:
overtuiging,
innerlijke
hebben
in VS.
cap. 16
hij
„ik weet, mijn verlosser leeft",
:
laatst
;
staan als
n.1.
tegen den
ieder meent, dat
aangekomene, de
laatste, die
verschijnt, het slottafreel leveren, de
hen allen vernietigen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's