Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 59
college-dictaat van een der studenten
§
God
geen
vindt
Neemt
aanzijn.
enkel
dan
dan
los,
wordt
is
creatuur
zijn
Ook
dat wij zelven schilderden ? loslaten,
het,
dan
Dei.
Zelf
de hand,
in
41
riep
Hij
gelijk wij
Xxpin
creatuur gedragen.
Sè
Van oogenblik o' ïa-fiiv
'a-ixku
B-cs~j
het
in
een schilderstuk,
Want als wij dat schilderstuk God het dan vasthoudt. Maar
het niet meer.
is
ding
alle
niet.
het er nog, wijl
verdwijnt
elk
voorhanden.
creatuur
dan
Hij
De Cognitione
2.
(1
een oogenblik laat
God
iets
oogenblik
tot
Cor. 15
10).
:
Bovendien, onze hand omvat wel een boek of kandelaar, maar ze dringt niet
wezen der
het
in
daarentegen
hand
vat
leggen,
andere bladen Bij
God den
kracht nu,
Daartoe
is
rust alleen het onderste blad op de hand, maar al de van die hand onafhankelijk; ze rusten slechts op elkander. Heere echter wordt het al gedragen, stuk voor stuk, tot het
de
en geestdeeltje toe.
Hij
de samenstellende deelen
houdt elk moment, het organisme
in
het bijzonder.
atomen toe gedragen worden door Gods almachtige
laatste
beest
daar
niets
van merkt en een mensch wel?
Iv
rw
^v'h,
te
bevinden, dat het alzoo gedragen wordt.
alleen
uitwendige
dan behoeft het slechts kennis,
maar ook
wezen
toeging, dan zou
ook dat
uiterlijke
kennis,
Vandaar,
zelfbesef.
Maar de mensch
dat
maar het
niet
dier
in
zijn inner-
dier bevinden, dat het door de Goddelijke
die,
merkt,
niet
in te
ook een krachtig,
zelfkennis,
macht wordt gedragen. Maar die zelfkennis bezit het dier eenige
wezen
Had een
eigen
zijn
in
eigen levensbesef, waardoor het kon voelen en merken, hoe het lijk
het toe
weten, dat het zoo is?
te
om nu ook
niet
Hoe komt Wat is er
alleen dit noodig, dat wij zelfbesef hebben. Bestaat het creatuur
nooit anders dan
dus
God de Heere
Als wij een boek op onze
zijn
om nu ook
dringen,
het alleen uitwendig.
creatuur inwendig.
echter bij een beest precies eender als bij een mensch.
is
dat een
noodig,
zijn
dan
als geheel en al
Dit tot in
omvat
ze
in,
en houdt
stofdeeltje
kleinste
zaak
heeft dat zelfbesef wel,
niet.
welke doordringt hoe
hem
het door is
het
tot
Wel
heeft het
het
God wordt
innerlijk
gedragen.
vermogen gegeven, om
bewust te worden, zich bewust te worden van zijn innerlijk En dat vermogen behoeft de mensch slechts te gebruiken, hij heeft slechts noodig tot zelfkennis te komen, om dan ook te weten, dat hij niet zichzelven draagt, maar gedragen wordt door eene macht buiten hem. Dat zelfbesef is natuurlijk niet bij alle menschen gelijk. Sommige menschen zichzelven bestaan.
leven zóo uitwendig, zóo vereelt, dat dat
een hart, een
ze
en
schen,
diepe
van
de
vragen, of
gemoed hebben. En zoo ook
hebben
volkomen
is,
werking Gods
van
hun
eigen bestaan.
daar alleen tot zulk
is
zij
wel eens weten,
zijn er fijngevoelige
onder dezen wederom lieden met groote
kennis
absoluut,
men zou
Maar
genialiteit, die
eerst
waar dat
men-
eene zeer zelfbesef
het mogelijk, dat de innerlijke bevinding
eene zuiverheid komt, dat het cognitio suimet
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's