Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 337
college-dictaat van een der studenten
§ zoodanig dus
om daarna
;
De viRTUTiBus
7.
te
319
Dei.
spreken over de sapientia
en eindelijk over de
;
omniscientia.
Eerst dus de formeele kwestie. De formeele
vraag,
of
aan ons, menschen,
alleen
bestaan
het
God
van
al
dan
Wij, menschen, hebben een verstandsleven.
staat zóo.
Is
niet intellectueel
is,
nu dat verstandsleven
ook aan de engelen, maar toch op Gods eigen wezen vreemd?
eigen, misschien
zichzelf slechts creatuurlijk bestaande, en dus aan
Of
met
wel, is het ectypisch,
God
zijn archetype in
?
Onze Heidelbergsche Catechismus spreekt uit, dat behoort tot het geschapen zijn naar Gods beeld. Tot maar ook de sapientia
alleen de iustitia originalis,
Schrift
stelt
ons
leven
intellectueele
God den Meere God met geheel
allerwege
benoemt dat denken
in
den
in
mensch
wordt
verstandsleven ook
;het
dat beeld behoort niet
En ook
originalis.
heel de
voor als een denkend wezen. dezelfde
Zij
woorden, waarmee het
aangeduid,
nl,
kennis,
verstand,
wetenschap, wijsheid. Evenzoo worden de woorden denken, gedachte, begrip, oordeel,
onderzoek,
in
leven
en
intellectueele
woord
éen
die
gansche reeks van woorden, die het
werking moeten
zijne
aanduiden,
En God de Heere spreekt ze ook van Zichzelven
God.
Wat nu de
Uit
is
dat intellectueele leven ?
philosophie
bekend, dat het gansche probleem zich resumeert
is
de antithese tusschen zijn en denken, esse en cogitare. het
in
zaak
esse
veel
ook
bestaat,
van al
wij
ons vreemd. ze
in
Want
af.
wij zijn in deze
ook
was
al
in
er
ons
in,
Zoolang nu
iets
een denkvorm of voorstelling hebben
Nochtans weten wij
dagen van oorlog tusschen beide
ook
in
enkel
Eerst dan kunnen wij ons eene
Wij hebben Japan noch China ooit gezien.
drong geen kogel
de hand,
het
blijft
wanneer
assimileeren,
omgezet.
van
uitgesproken
uit.
al
er
rijken,
gaven wij geen enkelen Japannees
dus geene aanraking, veelvuldig bezig geweest
om
met ons verstandsleven gedachtebeeld en voorstelling van hen te vormen en aldus in hun leven in te leven. Eerst door dat omzetten van het esse in een gedachtebeeld
is
denkvermogen,
er
is
gemeenschap mogelijk. Welnu, het intellectueele bestaan, hei dan het vermogen om het bestaande om te kunnen
niets anders
zetten in eene denkwereld. in
En dan
eerst is
ons denken zuiver, als die wereld
onze gedachten zuiver beantwoordt aan de wereld van het bestaande. Brengen
dit nu op God over, dan bestaat voor God den Heere niet het bezwaar, men bij ons vindt, dat wij het esse niet zelf in zijn esse kunnen aanraken. Want Hij heeft adessentia in alle creatuur en raakt dus alle creatuur in zijn
wij
dat
esse leeft
aan.
Gelijk
Job het
en de geest van
alle
uitdrukt,
dat
in
zijne
vleesch des menschen.
hand de
ziel
Maar nu
leert
is
van
de
al
wat
Schrift er
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's