Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 518
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE FOEDEtïÉ.
124
We
Op
is.
aan den mensch gezegd had door Zijn belofte.
niet
De
van
lijn
gedachten,
Gods beeld
volgden,
is
deze
Zich
Doch
:
Het samenleven van
Omdat de mensch naar
een verbondsleven.
is
geschapen, moet dat verbondsleven zich ook reflecteeren
is
Vandaar
van den mensch.
Dientengevolge
foederale.
we
die
Vader, Zoon en Heiligen Geest
leven
bij
het verbondskarakter juist uit de belofte.
blijkt
II.
ware het mogelijk geweest, dat God het wel
zichzelf
maar
Zelf gesloten,
nu
verbond hier duidelijk
zien dus, dat de belofte als merkteeken van het
aanwezig
God
in het
en mensch een
van meetaf het foedus operum geweest. Door
ef
is
tusschen
alle relatie
is
maar in plaats daarvan moet weer een verbondsrelatie, nu van genade komen. Die genade is evenwel onderscheiden in twee stroomingen: de eene geneest niets, maar stuit alleen
den er te
de
echter
val
van het kwaad.
intensiteit
tempering,
tot
niet
bepaald
tot
clameerd,
maar
Daarnaast echter loopt een andere genadestroom,
positief
tot
Dientengevolge
genezing.
deze aardsche bedeeling, de andere stroomt door
Voorts
heid.
eerste relatie verbroken,
die
is
beide wel
zijn
de
eene
het
bij
in
het paradijs begonnen,
andere
de
Noachietisch,
maar bij
is
tot in
de eene
de eeuwig-
eerst later gepro-
het Abrahamietisch
verbond.
Nu
wijst
de paragraaf er verder op, dat zoowel de eerste
strooming een dubbele periode heeft
Het keerpunt
vulling.
de particuliere genade
bij
communis maakt Noach de
is
de incarnatie.
moet maken, aan
eigen
vrijheid
heele
vernieling,
de longaevitas. uit als
hoe
het
En
alleen
zonde gevallen menschelijke geslacht,
in
in
komen kan dan tot algevan Gods genade beboeden kan
de intreding
het eigenaardig karakter dezer periode
nu over decenniën.
door de vermelding, dat er
Ons teven in
tijd
dien
is
op
tijd
we aan God vasthoudende
Ten derde zien het
periode, loopende van
de feiten en experientie
ligt
ten eerste in
Het menschelijk leven strekte zich toen over zooveel eeuwen
menschelijk leven gedurende dien
geslacht,
Bijdegratia
zichzelf overgelaten, niet verder
zoodat
voor zelfverlaging.
de tweede
incisie.
Wat is dan de beteekenis en het karakter dier eerste Adam tot Noach ? De beteekenis is deze, dat ze door duidelijk
als
een van voorbereiding, en een van ver-
:
gedecimeerd.
Ten tweede treedt het
een gepotenzirten vorm, aangeduid
in
reuzen en geweldigen op de aarde waren.
twee deelen van het menschelijke
in die eerste periode de
en het
God verwerpende,
gesplitst naast
elkander en van elkander gescheiden leven, en wel zóó, dat het laatste machtiger blijkt
dan het eerste en
dit
meetrekt
in
zijn
Met dien geheel anderen toestand hangt van
alle
ordening.
Er
is
geen staatsieven.
ongerechtigheid. ten
nauwste samen het ontbreken
Alles drijft
op de verzwakte factoren
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's