Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 934
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Christo (Pars Tertia).
118
Er 't
tweeërlei recht
is
gerekend).
strafrecht
Tenzij
overtredingen ?
en publiek recht (onder het laatste wordt ook
civiel
:
Waarop rust nu het men de revolutionaire
om
recht
te straffen
voor wets-
theorie wil aannemen,
is
er
geen
ander antwoord op die vraag mogelijk, dan dat overheid en rechter hun recht
om
publiek
het
wortelt
mensch gelegd
Godes;
recht
recht
Vandaar
is.
Hij oordeelt in
't
neer de rechters spreken.
En
in
Waarom
de
2^
ben
ik
plaats
waarom
alleen leert
de
Souvereiniteit
God
het
partij,
82
w.
z.
wan-
dat,
na
recht,
wat
komen,
te
die te kort
neerkomt op contract.
feitelijk
als ik het beloofd
heb en waarom
gedaan wordt, daarbij helpen? M.
bindt een belofte en een contract?
1^
a.
w.
Krachtens den eisch van het zede-
woord misdaad acht en dus ons woord waarachtig van 't civiele recht steunt niet in den mensch, maar
leven, dat schending van ons
moet
Die
blijken.
God
daarin, dat
in
zijde
de conscientie
trouwbreuk veroordeelt.
eischt en
dit
geen conscientie of God, dan zou er ook geen reden
er
de vergadering
in
d.
1)
:
die
spreekt.
civiel
iets
Gods,
de Heilige Schrift: „God staat (Ps.
En evenzoo op den
God.
alleen ontleenen aan
in
midden der Goden."
gehouden
moet de overheid de
lijk
handhaven
te
crimineel
het
breuk
verkeerd
tutela
der
ranselen.
was.
d.
Rechtspraak
in
civiele
heb
maar
De band van
het
gegeven woord wordt
i.
niet het recht
Daarom moet een
overheid.
door de
overheid
erkend worden,
Was
waarom trouw-
zaken geschiedt alleen onder
Ik
overheid.
gemaakt door de treerd
2^
zijn,
den trouwelooze in
zelf af te
rechten eerst bindend
contract altoos eerst geregis-
anders geen actie op
wijl er
komen kan. De klem dus ook van het civiele recht, ligt in de overheid. Waaraan ontleent nu de overheid zelf de macht om een contract uit te wijl God zelf met den mensch in verbond voeren ? Aan het Verbond Gods trad en krachtens dat verbond Gods het breken van zijn woord niet alleen is beleediging van den persoon, met wien men een contract sloot, maar ook van den God des Verbonds. De mensch is geschapen naar Gods beeld; alleen aan dat beeld Gods ontleent hij zijn zedelijke faculteiten ook de trek naar Omdat nu bij recht in den mensch kan dus alleen zijn uit dat beeld Gods.
—
;
alle
afstempeling
van
verschijnselen
zedelijke
in
den
mensch,
niet archetypisch in ons,
zoo
den
mensch de archetype
volgt
daar
maar archetypisch
in
logisch
God
is
uit,
en
in
in
God
is
en de
ook het recht den mensch slechts dat
afgeschaduwd.
Nu
een andere quaestie.
Onze Catechismus en verdere belijdenisschriften behandelen de schuld van den mensch tegenover God in den vorm van betalen cf. Cat. vr. 16: „dat een
mensch,
„dat
hij
zelf
zondaar
zijnde,
niet
konde voor anderen betalen."
de schuld nog dagelijks meerder maakt." enz.
De vraag
is
vr.
12
nu, hoever
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's