Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 508
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Altera).
74
ook iets anders waarom men er nadruk op legt. Die reden ligt in de woorden zelf. Deze drie zegenspreuken zijn niet maar een repeteerend parallelisme, maar zij bewegen zich elk in een eigen genadesfeer, die ieder op zichzelf weer overeenkomen met Vader, Zoon en Heilige Geest. Vers 24 wijst ons toch in het „zegenen en behoeden" op de scheppende en voorzienende macht Gods zegen uit de schepping en bewaring uit de voorzie-
dan
;
nigheid, en dit vei plaatst ons dus in de speciale sfeer van actie van
25
Vers
over
zicht
lichten en
u
opgaan
doet
noodig
God den
Vader.
toont ons daarop de tweede sfeer in het „de Heere doe Zijn aange-
in
de
is,
de
zij
van den Zoon, die het
u genadig", de sfeer
duisternis,
barmhartigheid
en
waar ontferming
betoont
dus van de verlossing des zondaars, die
sfeer
licht
in
duisternis en
ellende neerligt, en in
26
vers
krijgen wij dan de derde sfeer in het
:
„de Heere verheffe
zijn
aangezicht
over u en geve u vrede". Dat verheffen van Gods aangezicht vindt dan plaats als
de Heere zich aan ons kennen doet, zich persoonlijk aan ons openbaart,
5
1)
:
en die twee werkingen nu, die openbaring
;
terwijl
Rom. Gods aan den zondaar en dat
de vrede, dien het kind Gods smaken mag, de vrucht
des geloofs
is
(cf.
uitvloeien van vrede, behooren tot de toepassende werking des Heiligen Geestes.
Beschouwen dan
niet te
is
wij
dus die drie onderscheidene zegenspreuken achter elkaar,
ontkennen, dat
P. hier drie onderscheidene soorten van zegen worden uitgesproken, 20.
dit terrein
Vaders,
van zegen ook beantwoordt aan de drie sferen
in het
werk des
des Zoons en des Heiligen Geestes, die van schepping, verlossing en
persoonlijke werking, en 30.
die drie juist in die volgorde staan, waarin
de belijdenis der Triniteit
Op
men de vraag
dien grond heeft
ben wij het recht, dat
te
Daarop antwoordende,
zij
moeten voorkomen, zoodat
er in ligt opgesloten. te stellen:
beschouwen
komen
wij
als
„Is dit bij toeval zoo, of
terug op wat vroeger reeds betoogd
dat de Gereformeerden altoos hebben volgehouden dat, altijd
tevens
bedoelt
al
wat logisch
steeds bewust, en zegt niets
Daarom moet worden 6 en
:
bij
Israël
een
in
te
schakel
Wezen openbaarde.
in
die
woorden
waar God iets ligt
;
Hï\
is
is,
zegt, Hij
Zichzelven
toeval.
erkend, dat
in
22—26 eene Goddelijke ordinantie zonder het dogma als zoodanig uit
scheidingen
heb-
door God zoo bedoeld ?"
deze aangehaalde Schriftuurplaats Num. ligt,
te
die geheel past
spreken, zonder
bij
in
Gods Drieëenheid, persoonlijke onder-
dringen, toch een openbaringstrias uitdrukt, en alzoo voor in
de Openbaring was, waardoor God van lieverlede Zijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's