Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 771

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 771

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Hoofddeel

§

V.

De natura

4.

zooverre ook de oorzaak ervan,

konden de zondigende wezens zondigen zich

zonde komt. Uit zichzelf noch de mogelijkheid van

als er straks

noch

er

zijn,

God

scheppen, en had

zelf

zulke wezens niet tot aan-

geroepen, zoo zou er nooit zonde geweest

zijn

Nu

zijn.

op het moment van zonde onzeker

te stellen, dat het tot

bleef,

of niet, vernietigt geheel het besluit, overmits

zonde komen zou

of er

81

decreti.

daden der menschen na den

val

met zonde besmet

zijn.

feitelijk

alle

Ook

nam men daarbij eene praevisio rerum aan, zoo zou toch de

al

bepaling van

God toekomen,

aan

schepsel

ding dan niet

alle

hebben,

maar slechts de

worden, dat

de zedelijke categorie

maar

daarom alzóo geschieden, en dat der-

niet

op het vrijmachtig verhouding,

baarden wil scherp Apocalypse,

der

Gods verborgen het

geopenbaarde wil

onderscheiden

te

die

feit,

gedeeltelijk

God of God

Bij

den mensch

zet

in

zonde maakt,

tot

onderworpen

zelf niet

sluier

is

Wat

bij

d.

ongeloof, In

i.

d.

wat voor

van welken geopen-

wegschuift, waarachter

niet het feit zelf, dat geschiedt,

te

/;

xfixprix

is

den mensch de wortel

Zijner heiligheid

de opstand, het ongeloof

daden,

verborgen

'crriv

mede-

;

zijn,

;

reden

!>.y:uix.

sprake

aller

zonde

is

in

God

wat God

in

de zonde haat,

eer,

rj

zijn,

aan het richtsnoer, dat Hij voor

van het creatuur tegen Zijne wet en

daar geworden

Zijn

beslist

God kan deswege van geene zonde

stelde.

Wezen

tusschen den

uit

dat de mensch, hierin als tweede oorzaak

zoeken van zichzelf en van eigen eigen

als

de openbaring der profetie en

is

den

werkende, Gods geopenbaarden wil overtreedt; overmits.

mensch

de

wil voor ons wegschool.

Hetgeen nu de zonde

maar wel

zal. Zijn

regel en richtsnoer gelden zal,

als

van toe-

besluit

waarin

zich in zijn bewustzijn en zelfbepaling tegenover

wat geschieden

mensch

den

loop der

zou. Er

verborgen en den geopenbaarden wil des Heeren. wil bepaalt al

het

een eeuwig besluit

deze onderscheiding komt het verschil

In

stelt.

God den

uit

vervullen van voorspeller van wat het

op de

alleen

tweede oorzaak de zaak

niet

niet

maar

moet derhalve gesteld dingen, die gebeuren, alzóo en niet anders door God

alle

is,

God zou

Hem, doen

Zijn besluit bepaald zijn, en

passing

het schepsel,

zou de mensch en

rol

schepsel, onafhankelijk van

halve

God aan

bepalen en beheerschen, en

dingen

in

uit

juist

is,

het

omgekeerd het

wil, het tegen

is

het ver-

Hem

ingaan,

waarom dan ook de mensch, na zon-

nooit door antithetische tegen de zonde ingaande

door goede werken, maar alleen door de antithese van het i.

door terugkeer

dien zin nu

komen aan

tot het

geloof kan gerechtvaardigd worden.

het besluit niet alleen de qualiteiten toe,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 771

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's