Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 863
college-dictaat van een der studenten
: ;
Caput dien
De Mediatoris
V.
mensch,
hij,
niet
mensch
„verlos hem, dat
in
dan
zal
Hij
de allerhoogste
hem genadig
die in het verkwijnen van
is,
redding kan aanbrengen en tot den Vader kan zeggen
want
heb het zoenoffer voor hem gevonden
ik
bedoeld :
al
die
komt en
Daar
—
hem van
red
:
daar
er
nu
menschelijk geslacht
't
blijkt,
't
verderf,
dat met dezen
Christus.
is
23
Matth.
is,
en zeggen
zijn
kan aanbrengen.
leeraar, die tevens "isb
maar één man denkbaar
'^n'?^
Al
prophetico.
verderf niet nederdale ik heb verzoening gevonden".
't
dus een zoodanige
Hij is
De manere
4.
plicht te leeren,
zijn
ontfermt,
zich
hij
§
geroepen heeft) een tolk en wel een, die onder
menschen, die bezig waren hem over den
Officiis.
waar de Heere
10
8,
het begrip van ^'^xo-axazc
dvx'.
op zich
zelf toepast.
Hebr. 3
hfxsAS'yixc
t7,c
noemt de Apostel den Heere Christus i \7rórrTz>.ic y.x>. y.py^icpcd; De profetische werkzaamheid {ifxiAoyix) wordt weder in 'hfj-'M. '
1
:
verband gebracht met de verzoening Eindelijk getuigt,
nif'a'?
:
1
met den Heiligen Geest.
het rwui, het gezalfd zijn
Nu moeten
Evangelisten en profeten niet tegenover elkaar stellen
de
wij
Woords
profeten, evangelisten, dienaren des
werkzaamheid,
tische
profetische
die
In
aarde
betreft,
de
tiam,
bij
(De doop
in
daarbij
ligt
in
hoort,
heeft
yjrbq Ïttvj xlrzZ)
'z
werkzaamheid
Mare.
3,
Matth.
:
5
/xoj b kyxTTTiTÓi:,
hooren naar de guichelaars
verwekken
;
wat
hoort
gij
naar
;
'j.Y.si,iTt.
h 18,
maar
hem
!
'\>
De
afloop
zijn
17,
met
verheerlijking,
de stem
in
siiSÓKY}(Tx. ky.sï/cTi xi/rsij.
waar gezegd wordt gij
zelf uit
zult alzoo niet
den hemel
Mare. 9 en Luc.
9.
Het culminationspunkt
1).
en wel
geven.
de profeet per excellen-
als
Luc. 3, en Joh.
te
omwandeling op
zijn
op Thabor. Matth.
1,
xirs",
17
ontleend aan Deut.
zijn
vangen en weer
te
Christus,
op wien Deut. 18 sloeg, door den Heere
de woorden
'jlóq
is
den Heiligen Doop en
bij
de verheerlijking
Matth.
in
en apostelen hebben allen profe-
de gedachten Gods op
n.1.
ingezet
profeet
aangewezen
{a.pijzpzóc).
waar de Christus zelf van zijn zalving tot profeet duidt de profetische werkzaamheid aan en deze vloeit voort uit 61
Jes.
al
uit
de wolke
D\e WOOTden xkcCïtc
tot Israël
doen
wat daarbij
:
:
de heidenen
Ik zal u
een profeet
Toen sprak de Heere God door Mozes
— nu
rechtstreeks uit den hemel.
Wij
zien
doorloopt.
aan
te
dus Het
hoe feit
het begrip van Christus' „profeet zijn" de heele Schrift
zelf is duidelijk
genoeg.
Doel dezer observatie was alleen
toonen, dat de Schrift dit ook met bewustheid uitspreekt.
of
door den naam N^af
of
door het begrip van N^2i en zijne homonymen,
of
door op het idee van „profeet"
te
komen
gelijk in
Deut
18,
Zij
doet
dit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's