Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 715
college-dictaat van een der studenten
:
Caput 3
Gen.
waar
15,
:
TTouSix
12
heet, terwijl in Hebr. 2
Hebr.
2
Heere
uitspreekt, dat de
11
:
Cor. 15 3
13
14 k-m
:
en Ta,ö§ ontving als de
yJ/ax
Abraham
uit
2:4;
Mennonieten beriepen zich voor hun gevoelen daarop
moederschap van Maria zou gerecuseerd hebben, Matth. Hebr. 7
3.
:
dat Jezus telkens wordt gezegd „van boven te zijn", Joh. 3
2'^
I
of
het
Jezus
dat
48; Joh.
:
vrouw"
der
De natura humana.
6.
26.
:
De Anabaptisten \
§
Heere op gelijke wijze
eindelijk
Hand. 17
Cf.
„zaad
Hij
de
dat
terwijl
',
was.
De MediatOris Persona.
III.
aanwijst,
ix'Wóc
: ;
:
31
8
;
:
23
47.
:
dat, indien
de Heere
Maria was geboren,
uit
ook de besmetting der
Hij
zonde van haar had moeten overnemen. 4»
vooral op
Om
met 4
Wanneer
a.
uit
II
Cor. 5
16.
:
beginnen, merken wij op
te
uit
II
Cor. 5
:
deze woorden, dat de menschen
uit
moeders geboren waren. Stond eyvo^Kx KXTv. TxpKx, gelijk
worden
dan had
er
dit
:
uit
Paulus' omgeving evenmin
aAAsk- Sk
ïyyoy/.x
a-xpy.x
y.y.ry.
kunnen schrijven
Hem
niet
vleesch gekend.
Er
hebben, nu kennen wij nooit naar
't
in
kennen plaats had,
in
Paulus
de
;
hunne
uit
'Iricro'ju
Sk oIk
gesteld, niet.
niet
hij
ook
blijkt
eenig gewicht, maaar nu Jezus en de overigen
Paulus bedoeld had, dat Jezus vleesch en bloed
als
b.
dan had
was
16 volgen moest, dat Christus niet geboren
Maria, maar in den hemel geschapen vleesch en bloed had, dan
:
„indien wij Christus naar
meer naar blijft
't
van
den hemel had, 't
vleesch gekend
— want dan had
vleesch"
hij
Hem
dus alleen over, dat er eene verandering
die niet in Christus lag
modaliteit
uit
Paulus'
kennis
—
zie een
(want
vleesch bleef) maar
zijn
veranderde
was
vroeger
;
zij
physisch, nu pneumatisch.
Ad 3 Ad 2.
—
de onreinheid van Maria
Op
volgende observatie.
deze teksten kunnen de Mennonieten zich beroepen tegenover de
loochenaars van Christus' praeëxistentie, maar niet tegenover de Gereformeerden, die daaraan ten volle recht laten wedervaren
die de praeëxistentie
;
belzinnig belijden, en wel in dien zin, dat deze zijn subject, zijn zijn
(j-y-p^
Ad
/.
Ik,
ondub-
maar
niet
geldt.
Al
deze
toonen, dat de Heere niet erkend heeft het recht
plaatsen
moeder op Hem, dat anders moeders op hunne kinderen hebben. Sprak een gewoon mensch zoo, dan zou hij zondigen slechts één geval uitgevan
zijne
;
zonderd.
Als een moeder
hem belemmerde
in
den dienst des Heeren, dan zou
—
moeten zeggen Vrouwe, wat heb ik met u te doen Erkend moet, dat de Heere Jezus het niet eens was met Maria. Maria wilde haar gewone
ook
hij
moederrechten delde
over
de
zijne geboorte. tot
!
:
doen gelden relatie,
Hoe moet
de Koninginnemoeder.
na den dood
zijns
en die rechten recuseerde Jezus.
waarin
de Heere
die relatie
nu beoordeeld
Als Prins stond
hij
Maar
moeder stond, en
tot zijn
?
dit
han-
niet
over
Evenals die van een Koning
nog onder
vaders wordt de Koninginnemoeder
zijn
zijn
vader en moeder,
onderdaan.
In niet-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's