Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 822
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Tertia).
132
Scholten gaf als vrucht zijner studiën
uit „de leer der Herv. Kerk", in 2 deelen, de oude Geref. theologie meester was, maar tevens lichtte hij er het geestelijk wezen uit en bracht de phiiosophische gedachten der Deterministische school ervoor in de plaats. Dat werk was het overal
toonde daarin, dat
en
hij
en gelezene boek, dat door de oude Gereformeerden in den lande van het type Molenaar en Schotsman werd toegejuicht, omdat er nooit in werd afgedongen op het decreet, de praedestinatie enz., maar het cor ecclesiae daarin in eere werd hersteld door de erkenning, dat de vaderen den rechten toon hadden aangegeven dat decreet verstond hij dan, zooals gezegd is, op zijne manier, als Determinisme. In dien stroom bewoog men zich, toen de Ethische richting opkwam. Er was strijd tusschen Scholten, den kenner der Gereformeerde theologie en de Utrechtsche professoren met den lateren Amsterdamschen hoogleeraar van Toorenenbergen, die zich gaarne wilden voorstellen als de verdedigers der oude theologie. Scholten echter toonde aan, dat zij die niet kenden maar eigenlijk Arminianen of Socinianen waren. Het gelijk was formeel aan Scholtens' zijde, zoowel theologisch als historisch, al was hij een ongeloovig man en zijne gebruikte
;
tegenstanders geloovig.
De opkomende Ethische school kon de
Leidsche
school
bestond
zich nu natuurlijk
en
ook
niet
houden, alsof
de strijd over het karakter der Gereformeerde theologie niet was uitgebroken nog temeer moest zij daarmee rekenen, daar de strijd in ééne stad werd gestreden, te Leiden, waar Chantepie Waalsch predikant was en al wat zich daar aan de zijde der orthodoxen niet
alsof
;
schaarde
hem
bij
Calvinistisch
zij
kerkte.
Daarom gaf de Ethische
was en
heeft
zij
in
richting zich de allures alsof
hare terminologie de uitdrukkingen der
oude Gereformeerden willen behouden.]
Daar eenmaal Gereformeerde Scholten
komen door
c.s.
moest
alsof er
te
het
sprekende
van
van In
was
uit
eene
in
zeggen
formule
strijd
richting
het
worden
sprake was.
opgelost,
waardschatting
of
die
de
dat
strijd
het deed voor-
eenzijdig de metaphysische
geestelijke lijn
poogde door
te
trekken tot
school metterdaad eene waarheid
is
van
dus
als
dat
;
in
het oneindige.
wat men
;
te
Dordt deed,
de keuze van het woord
zoodanig reeds eene duidelijke aanwijzing van de
standpunt, maar de tegenstelling tusschen het meta-
physische
en het ethische moest bij hen beteekenen het ethische hoofdzaak en het metaphysische is speculatie en dus minder gewichtig.
Daarom spreken
der
met
Zulk eene formule vond Chantepie
het stuk bezien van zijne metaphysische zijde
„metaphysisch"
van
principieel
anders
niet
op den voorgrond had geschoven, en dat men, dingen, die hier op aarde openbaar worden,
vraagstuk
de
kon
men op de Dordtsche Synode
den mensch de
dat
verschilde,
van geen
zeggen, dat
van
zijde
wezen der Ethische
het
theologie
:
wij
dan ook
liever
van
„religieus''
;
stelt
men
is
de
toch ethisch
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's