Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 170
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Prima).
i52
natuur
de menschelijke
mi]
maar
gedragen,
beiden nu,
Bij
de Drieëenheid wezen,
Welnu,
bij
de tweede persoon
den mensch en
den Christus,
bij
die compositie bestaat,
de menschelijke natuur niet
wijl daarin
ook
nu
er
is
zoodat
natuur,
ik,
het ik in
in
er een
is
de Incar-
is
Immers, was er geene compositie, dan kon Christus nooit
mogelijk.
natie
ook de menschelijke natuur
menschelijke natuur aan, en niet zeker men-
Alleen omdat
suppositum en een natura.
heeft
het suppositum, dat
nam de
de Drieëenheid, want die schehjk individu.
Christus
uit.
Hem was
bij
in
kan.
zijn
in God een ik, onderscheiden van zijne Goddelijke God het suppositum zou zijn en die natuur er door
gedragen zou worden ? Neen, dat
God
en
Dit
zijn in
God
Deo nulla compositio
In
40.
en die natuur
ik
zijne natuur.
is
en
is
God volkomen
God
identisch.
de potentie en esse
is
zijn
ik
est essentiae et esse.
dezelfde tegenstelling als die tusschen potentia en actus.
is
is
God.
blijft
wat actu
uit
de essentie
in
het aanzijn
is
Essentia
is
We
gekomen.
hebben deze tegenstelling dus hierboven reeds behandeld. [Men spreekt ook wel van het „wezen" en het
mee bedoelt men dan
„zijn"
van het geloof.
Daar-
het geloofsvcrmogen en het daadwerkelijk of dadelijk
geloof.]
Deo
In
50.
nulla compositio est generis et differentiae.
Ook deze
tegenstelling bespraken wij reeds, toen wij
van het wezen Gods.
nitie
God
sumptie en differentia"
boom
is
is
de
niet
onder een hooger genus
alle definitie is
subsumeeren.
te
defi-
sub-
„Genus en
eene logische en dialectische compositie. Bijvoorbeeld een lindecompositie van het genus
boom van andere boomen God zoodanige compositie te
bepaalde Bij
is
hadden over de
't
Wij hebben toen gezien, dat
boom
en de differentie, waardoor die
differt.
stellen
is,
gelijk
we
vroeger zagen, onmo-
gelijk.
In
60.
Deo
nulla compositio est subiectie et accidentium.
Tegenwoordig drukt men dit meer uit als de compositie van het wezen met zijne eigenschappen. De accidentia zijn dan de eigenschappen, het subiectum het wezen daarbij is tot de kennis van het wezen alleen door te dringen, :
;
indien
men de eigenschappen,
die er niet beslist
bij
hooren, abstraheert.
Bij
voorbeeld, het behoort tot het welwezen, niet tot het wezen van het huwelijk,
kinderen
hebben.
te
Daarom
accidens „kinderen hebben". dat
het
iets
Door deze
anders
antithese
spreekt vanzelf,
is
is,
dat
isoleere
Op
God Goi
komt men dan
ongeoorloofd.
men
het subiectum „huwelijk" van het
deze zelfde wijze nu wilde men ook beweren,
tot
is,
en dat Hij
is
de compositie.
heilig,
Maar
barmhartig enz. dit te
doen, het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's