Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 386
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Prima).
368
To~j
peccatores
erga
specialis
Ook
genus.
toont,
3-Ê3S
om
gratie
God
een gevolg, dat Hij
in te
communis erga humanum
En de Wezen, maar
gaan.
het Goddelijke
in
gratia
zoo bezien, eene genade, die de Uvxfitq
is,
tegen de zonde
ook geen verandering
eene
en
electos,
gemeene
die
gratia is
condonans brengt
rechtstreeks hiervan
blijft.
[Een tweetal opmerkingen, bij wijze van coroUaria. 10. Over de uitdrukking ]n N^J3, eene uitdrukking, die veelvuldig voorkomt de Schrift, reeds bij Abraham, Jozef enz. Zij beduidt de uitdrukking van iemands oog gunstig vinden. Uit een oog toch kan toorn spreken en gratia. „Vinden" doelt op het zoeken van wie begenadigd moet worden. Eerst is het oog vreesachtig naar beneden geslagen, en als het dan eindelijk naar het oog van zijn meerdere, hetzij dit een tyran zij of zijn God, opziet, dan zoekt het, wat er uit dat oog spreekt. „Laat mij genade vinden in uwe oogen" wil dus zeggen: Laat mij, als mijn oog naar u opziet, in dat oog geen toorn, maar genade vinden. 20. Over de beteekenis van "^y.pic in de zegenspreuk, bij groetenissen enz. Cf. 2 Tim. 1:2: fj^-pic^ eXesc, £''pr,vr] y.Tro B-tsï/ Trxrphi; km 'Kpta-rsïi 'Iyjctsü tsï/ Elk dier drie heeft in die spreuk eene eigen beteekenis: yxpiq Kupisu r.iJLw. is de algemeene dispositie, waardoor God goedgunstig is; ëAc5<; de vergevende genade Gods tegenover den zondaar; en v.p'ryri de verhouding, die daaruit in
:
God
tusschen
en de
Desanctitas
onstaan
'xyioi
is.]
Dei.
Beginnen wij met de lezing van Ps. 2 19N
DyöS
Hier
is
gaan;
Dit iets
wien
is
het
treft,
vergaat
die
dan
vuurt,
verteert,
God
uitgaat, mits
—
.^
door,
God
ook
dat
is
als
iets is,
tegelijk
uit-
maar een weinig
het
dat ontbranden kan, en
diezelfde
gloed,
die
van dien
die koestert en verkwikt,
is,
de gedachte, die
in
het begrip van heilig-
opgesloten. zelf
Hp_ ha Nin n^DX uti Dat h^a
dan
terwijl
vernielt,
God de Heere wordt
zit
er er in
goed aangewend, eene warmte
opheft en kracht verleent,
is
mx"m c^^xn? "i?"Pf
aanwezig, dat eene vernielende werking van zich kan doen
Dat denkbeeld nu, dat
ligt
12: iyT-^3 ^nn
noodig voor het recht verstand van het begrip heiligheid
juist
ontbrandt.
heid
:
„verteren".
assimileert,
neemt
Dat in
is
een B'N genoemd, is
een
eigenlijk
uitnemend
cf.
Deut. 4
woord,
:
24: ï|\n^N nln'
maar waar meer
geen goede vertaling. Een vuur
>d
in
eet, dat
zich op, na aan zich geconformeerd te hebben.
Een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's