Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 237
college-dictaat van een der studenten
§
De nominibus
6.
wast straks stengel en blad omhoog,
maar onverderfelijk
worden,
kan
Wij worden (dat
de geheele plant.
ja,
de overbrenging van het beeld) wederom geboren
ven
21Ö
Dei.
Want
is.
Dat
Woord Gods.
juiste opvatting
dan
bedoeld,
Bijbel
de
dit
zou
Maar
te
van
uitspraak
kondigd de
van
(pr,ju.x),
weg, waarlangs de geloovigen
hun
Was de
van het waarachtig
Vandaar, dat vervolgens het middel
vroeger
De
weten kan. dat
De
apostel verwijst naar de
het gras verdort en de
bloem ver-
Woord
(?^óysg) ver-
prediking aangaande den Christus, die
den Xiyog aanbrengt, dat
wat de apostel
zijn
dat onder u aangaande het
eeuwigheid.
tot in
blijft
is,
kennis
dit
Oude Testament,
het
maar het woord
tot ziel
de scheppingswerken komt het er op aan, dat wij
doen hebben.
wordt aangegeven, waardoor men welkt,
tot
het ^''l>vr5cS-c;:.
uit
immers sprake moeten
er
juist bij
met een levenden God
wel
blijkt
is,
komt onze
die wedergeboorte
stand door het herscheppend woord en bevel, dat van Godswege uitgaat.
is
een kiem, die niet verdor-
uit
de prediking der Schriften,
is
weten komen en bevestigd vinden
te
aangaande
het
is
de
datgene,
al
werk der wedergeboorte
heeft
gemeld.
Wij merken vervolgens, bij
daarin, dat Hij tevens Hij is
de
7rxTr,p
rw
vroeger
bij
maar
niet
ayxTr/]
TrvsLfix,
ï,w„
is
en
maar ook
is
de absolute %w,,
de Bron en Oorzaak van alle leven buiten Hem. Gelijk
is
7rviU[xy.T^v,
de
'ïï-y.Tr,p
rwv ^wrwv
ZOO OOk
enz.,
anderen, die leven, hun leven danken aan Hem.
alle
omni determinatione
zoo ook nu
^öjc,
dependens a nemine
relatione.
et
;
is Hij
de
'TTXTr^p
niemand dankt,
het Ur-leben, in dien zin, dat Hijzelf zijn leven aan
Tr,c i^ojrc,
en
gelijk
God de Heere
op, dat
t,'oü/7
Hij is absolutus
ab
omnia determinans a
nullo determinatur. Ps.
36
10
:
D"n
^sy,
"ilpQ
Hetzelfde als
uit welt.
in
U
bij
de
is
Hand. 17:25:
f
ons vitae, waar
andere leven
alle
S(S:lg7rxrny^(j)>,uy.xl7rvs>,vKxlTX7r!xyTx,
waar dus het beeld van een vader voor dezelfde gedachte wordt gebezigd.
Wederom ken
;
hetzelfde als in 2 Tim.
1
:
het leven en de onverderfelijkheid
aan het
licht.
Soms
gaat
dit
in
pantheïsten
welke plaats wij vroeger reeds bespradoor Christus
is
hebben
wij
geen
Zoo
eigen
in
Ps. 27
niet in dien pantheïstischen zin bedoeld.
mijns
levens
ligt
in
God.
dat leven mij toevloeit. Spr. 8
:
Hij
Wel heb is
ik leven,
De
1
:
:
God
maar
substantie,
substantie (Spinoza: de eigenlijke wezenheid in mij lijk
God
uit
voortgebracht
de lyrische poëzie zoover, dat de gedachte
drukking bijkans pantheïstisch wordt. de
10,
is
is
God).
is
God Hier
het
is
in
ons de
't
natuur-
is
dichter wil zeggen
maar
hare uit-
in
nlN. Volgens
:
de Heere,
de kracht uit
wien
de bron van mijn leven.
35 zegt de gepersonificeerde Chokma, dat
is
het Goddelijke
Wezen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's