Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 6
college-dictaat van een der studenten
;
LOCUS DE SACRA SCRIPTURA
VI
Het voorstellingsvermogen
(P.
aanwezige
Objectief
{rrr^uihy),
mxl^S I.
(buiten den mensch)
[nSTD],
148
151
instrumenteele middelen (buitengew. m.): 148
153
(ri/jac), [P312],
Betrekking hebbende op den persoon des Middelaars:
om
te maken, dat de Middelaar komt. (Theophanieën en aan en door den Middelaar geschied. 158 [angeloph.)
a.
b. II.
O
instrumenteele middelen (gewone midd.):
aangebrachte
Objectief,
II.
V.
138
• :
Manifestationes: mnX
§
;
•,-.
'
I.
de onbewuste mensch J^ ^",ï,7/„'|,|;^ Satan
(
jog worden; weggevoerd gevoerd worden nand des Hecren ^^ „gnd de 4'. het zich krank gevoelen. '• ^et somatische zien; II. het physische; III. het psychische door het voorstellingsvermogen; IV. het psychische buiten onzen wil; V. het zien 142 bij absolute passiviteit.
/ (3'.
Samenvatting:
B.
/
(
2^.
uc cAiaac
DEEL
neervallen
Hp*hSpM beelden de
(
II.
Betrekking hebbende op het volk des Heeren a. om te maken, dat Gods volk komt; 159 b. aan en door Gods volk geschied. 160
;
156
:
II.
De
6.
I
n s p
Deze omvat Basis
:
iste
2de
i
a
r
t
i
o
(t
h e o p n e u s
1
e) in
1
en neg. werking van wat
alle pos.
v.
3
algemeen.
't
godd. oorsprong
4
is.
de alomtegenwoordigh. Gods: insp. in ruimeren zin (menschen, engelen, de Inspirationsfahigkeit v. d. mensch (beeld G.) [dieren, planten, etc); ;
3<ie
de bestemming
De metonymia 10.
de gemeenschap m. het
I.
"•
-Tt-jvj^Lx
Bij het TT-^i-j^x Bij
„
d.
mensch
;
insp. in engeren zin (alleen de
mensch).
der Inspiratie: 8
Kenmerkende
't
v.
„
is,
God
;
20.
dat in het
de unio mystica v.
7rvi'j(u.x
d.
;
30.
de wedergeboorte,
mensch rechtstreeks mrfrm^/ 10
der daemonen, van Satan, v. God, v. d. mensch. 11 inspirans: 10. klaar bewustzijn en toeleg; 20. wil. 12 inspiratum: affiniteit, neutraliteit of oppositie. 13
zonder dat men het weet en merkt. 14 Bij de insp. beschikt God over het geheelebewustzijn. 15 De affiniteit tusschen den geïnspireerde en hetgeen geïnsp. wordt is 1. contingent, quod ad esse 17 2 necessaria, quod ad cxistere. 18 De praeparatie v. d. instrumenta inspirationis. 18 10. Het bewustzijn ) ^^ Oosterlingen en Westerlingen. 19 20. Het temperament ) ^'^ Inspiratie
;
,
.30.
De
40.
Het
50.
Uitzijneomgeving,
60.
De persoonlijke verkiezing tot instr. insp. (Opvoeding, De opzettelijke voorbereiding en opvoeding. 24
70, 80.
inslr. insp.
Het
Israël,
bewijzen
yuaestic
uit
een volk op de grens
volk gcpraodisponecrd
v.
h.
v.
etc.
om
geleerd veelte
te
v.
d.
O. en Westersche wereld. 20
leven voor en uit een idee.
luisteren en weinig
genade, mededeclen
v.
't
te
21
spreken.
22
bedrijf, levens-
[ervaring).
23
heil a. d. instr. insp. zelf.
24
centrum en de peripherie; het ethische, gnost, pragm.
in
de H.
S.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's