Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 879
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel
De Grondbeschouwing der
3.
De vraag
nienschen tot heerlijkheid brengen.
die in
§
VI.
zonde zouden
ondergeschikt
standpunt
vallen,
Die
waar
Hij,
werd
voorstelling
afging van de juiste
men
dat
zeide
eerst
:
Christus
is
Op
dat
de eerste der
uit-
heeft.
aannam, de eerste plaats bekleedt.
het vleesch
Hij
men
eerst mogelijk, toen
lijn
menschen ook
maken
het Raadsbesluit niets te
begrijpehjk,
verkorenen, omdat
189
dan eene tweede quaestie, die aan de eerste geheel
is
waarmee
en
is
het
is
of die
H. S.
Di)gma
het Christologisch
in
en het te veel voorstelde alsof Christus een mensche-
geworden zoo werd de Nestoriaansche dwaling weer vernieuwd van den mensch Jezus en den Zone Gods, die zich vereenigdcn. De lijk
individu
is
;
Gereformeerden
aannam en ziel
en
een
Persoon In
tus,
uit
een
Zone Gods de menschelijke natuur
de
dat
steeds,
was,
individu
zoodat
lichaam, maar
menschelijk
had eene menschelijke
wel
Hij
was
zijn „ik"
het „ik" van den 2cn
de Heilige Drieëenhcid.
de 2e plaats ging die voorstelling mank door de oude dwaling, dat Chris-
ook
ware
al
zou verschenen
er
De
zijn.
geen zonde gekomen,
H. S. leert
Middelaarschap
Christus'
Supra-lapsarische
strenge
dan
leerden
niet
gaat
door de zonde recht Vat men nu
Christus
aan,
op
nochtans
belijdt,
Hij dit
in het vleesch
dat het motief voor
komt
Op
als redder.
laatste
onder de
dat
onhoudbaar, maaj uitverkoren
Schriftuurlijk standpunt, bijzaak
is
op
te
en eerst
verkrijgt.
het vraagstuk van de electie van Christus goed op, dan moet
tweeërlei onderzoek ingesteld 10.
maar
de zonde, dat
in
niet
verschijnen
Zijn
niet,
standpunt achtte men
ook immers
het
nemen, daar
ligt
dit
het Schriftuurlijk
worden
onderzoek
—
:
in
hoeverre de naam iKAïy-rsu van den
Christus geldt, en 20.
hoeverre de Christus vallen kan onder het begrip van
in
electie, dat
op
de uitverkorenen wordt toegepast. Hiertoe slaan
we
allereerst
n^nn „mijn
uitverkorene".
duiden i2V,
d.
de strekking
i.
op Jesaia 42
Wel
geldt
:
dit
/.
Daar wordt de mn' i2V genoemd prima
het geloovige deel van Israël,
boven
het
toenmalig
bestaande
littera
maar uit
te
van den daar aange-
die uitspraak heeft toch
gaan, gelijk alle lyriek
zich verheft boven de eigene smart om uiting te geven aan het ideale lijden. Zoo moet ook hier de gedachte geculmineerd in den Christus. Hij is de ware 18, waar deze plaats wordt aangehaald en n^n; iiv, wat blijkt uit Matth. 12 :
waar n^nn wordt
bij
kKX&KTsc,
is
vertaald door ^yxTmro^ u:j, eene uitdrukking, die ook gebezigd
de verheerlijking op den berg. In sommige codices leest men daar plaats weinig in andere weer xyx7rr,TÓc. Wij kunnen dus uit deze
afleiden voor de vraag of Christus onder de electie
moet worden opgenomen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's