Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 516

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 516

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Locus DE Deo (Pars Altera).

82

dit alles,

hooren wij nu toch den

neer

dit

gij

voll< uit

7\p'^ "^^bip in

Egypte geleid hebt,

het 12'^^ vers

zult gijlieden

antwoorden

God

:

„Wandienen

(niet Mij)

dezen berg", en dan volgt er weer vers 14 die uitspraak die het inbegrip

op

van heel de Openbaring des Ouden Verbonds

is

't

Hoofdmoment voor de Openbaring

naamgeving van God, zoo

in

ligt

de formule van den Heiligen

het

Doop

rvj^^ ni^N

^''.'^^.'

de Heilige Schrift

in

de

Nieuwe Testament dat hoofdmoment

in

in

Naam

den

„in

altijd

ligt

des Vaders, en des Zoons,

en des Heiligen Geestes". Terwijl wij hier nu dat

komt

bonds,

die "^N^??

God", en

tot

die

hoofdmoment hebben voor de Openbaring des Ouden Ver„Mozes sprak niet meer als "^x^ï? voor, maar lezen wij :

Isten

zegt in den

gestalte

Daarop moet nauwkeurig acht geslagen gebruikt

S^en

den

in

persoon zoo sterk mogelijk

God wordt

de naam van

;

als nin^ naar

persoon

n''r\ii

anders

den ouden vorm van het imper-

fectum, dus lag het voor de hand dat ook hier door den Engel des Heeren in

den het

persoon zou gesproken worden, maar dat gebeurt

3'^^''

grammaticaal

en

syntactisch

had moeten zeggen

Farao dit

niet,

lid

van

n\"i;'

:

juister

ic^N

n''n''

geweest

zou

waar men verhalenderwijs den

vers,

en alhoewel

Mozes

tot

heeft mij tot u gezonden", geschiedt

maar spreekt de verschijning pertinent van dit

niet,

zijn indien

niriN,

S^en

ook

in

het

tweede

persoon zou hebben

verwacht. Krasser

God

zelf

bewijs voor het

het gewicht

feit

dat in deze verschijning het sprekende subiect

te leveren,

niet

is

is,

en noch wat duidelijkheid betreft, noch wat

openbaring aangaat,

der

is

er

eene verschijning

te

noemen

die

het van deze wint.

Cap. 4

In

dat,

opdat

5

:

zij

zegt de Heere nog bovendien uitdrukkelijk tot

gelooven mogen dat u werkelijk verschenen

hunner vaderen",

God bosch

maar

Mozes: „Doe

de Heere, de

God

etc.

braammaar voor zich zou houden,

geeft hier zelf eene opzettelijke bevestiging van hetgeen in het

was geschied, opdat Mozes het

gelooven

van

is

eene

Dat nu

aan

volk

het

zouden

in

de

zou aanzeggen, en er werkelijkheid

menschelijke gestalte die hier

juist

dit alles niet

der

bij

hem

tot subiect

hen op aandringen dat

zij

ten deel gevallen openbaring

had den Goddelijken Persoon.

die krasse openbaring plaats greep, hing

samen met

het

gewicht van het oogenblik, het historisch oogenblik, waarin het leven der ge-

meente Gods

uit

den

huiselijken,

patriarchalen

volkskring, en het volk als de gemeente

Het

is

om

dat

volk

als

een

Gods

kring

zou overgaan op den

te voorschijn

zou treden.

buit zich toe te eigenen, dat

de Heere dien

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 516

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's