Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 717

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 717

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

§ kennis

De

7.

afwezig

niet

Tl

facultas percipiendi, intelligendi, volendi.

naar

noodzakelijk begeerte

is,

en

God

vertrouwen op

moeten volgen. op

b.

de

2

Joh.

I

Gods

liefde

10,

9,

:

Het aanwezig

1.1.

ten gevolge

a-Koriy.

;

d.

zijn

van

het niet

i.

d.

(p''hc

kennis heeft

i.

hebben van kennis, ver-

oorzaakt den dood.

Wanneer ik een gevaar ken en het redmiddel om er aan te ontkomen, blijft geen mensch stil zitten, maar dwingt zelfbehoud tot handelen. d. De wil wil nooit een object maar altijd 't goede voluntas semper appetit bonum. Ook nu nog bij den gevallen mensch is dit zoo alleen zijn inzicht van het bonum deugt niet. c.

;

;

Was

e.

wil niet afhankelijk van het intellect, dan zou de wil

de

wat

willen kunnen,

Wie

ƒ.

pen, d.

hij

i.

reden

zijn

iets

in

weerspreekt

de

Dit

Spr. 14

h. is

Cf.

De

wil

er

op zich

zelf

wierpen

stonden

De

handelingen.

wil

moet dus

zijn,

zonder een fout

zonde noemt

in

ayyó/j^ax.

het

Hebr.

6.

kent niets, kent ook niet wat alle willen

hij

begeeren

zal

:

dus

onmogelijk.

Velasquez en

Suarez,

andere Jezuïeten, die tegen-

:

a.

dat de wil dan niet

b.

dat

heeft

:

de

die

Schrift,

zonder voorafgaande kennis Hiertegenover

zijn

den wil kunnen

22; Jes. 53

:

onmogelijk.

ontvangen hebben,

zonde

denken. 7

is

moet de reden opgeven van

9

:

en dat

;

iets

misdoet, wordt overal tot verantwoording geroe-

zijn wil

uit het intellect

Dan zou

g.

niet kent

hij

met

ook

vrij

zou

zijn,

maar gebonden aan het

dan de wil nooit het minder goede kan kiezen, waar

ingezien

;

wat

wij toch feitelijk doen,

want mens

intellect.

het betere

zij

aliquid suadet, video

meliora proboque deteriora sequor. c.

Dan zou de

verstand d. e.

stelt

niet

kunnen kiezen

uit

twee bona aequalia, want het

lijn.

De wil wordt wel zedelijk, niet Wanneer het intellect aan den

dan kan de wil dat ƒ.

wil

ze op één

niet uitrichten

imperatief beheerscht. wil een geestelijk

goed werk

voorstelt,

zonder Gods hulp.

Dat er zonde tegen den Heiligen Geest bestaat en dat het

intellect die

nooit goed kan keuren. g.

Dat

men hiermede den mensch

tot

een dier maakt, dat eenvoudig

zijn

zin doet. h.

Dat de mensch dan nooit tegen

omdat de conscientie /.

Dat

wilsdaad.

Adam

niet

in

het

denken

gezondigd

zijne conscientie

zou kunnen zondigen,

zetelt.

heeft

door een

redebeleid,

maar door een

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's

Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 717

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's