Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 638
college-dictaat van een der studenten
Lücus DE Christo (Pars Prima).
90 vormelijk
en
mensch nader
te
Er
openbaart
crapi;
er
in
o-kp-
zich
niet
In
—
x\óy5tf
Aóycc
i
zegt
:
mensch worden
Ik zal zelf
Om
ïyhiro.
c-y.pt^
in
\oy:^ het hoogste en
:
stadiën,
allerlei
maar
er is
in
't
geen
stof gebracht.
A'r\>'.^,
de mensch begrijpt
dus wel het begrip van het nederigste, maar
zit
Waar de mensch zoo
zochten.
om
toonen
begrepen
De Abyoc
het laagste.
a-xp'^
eindelijk daalt Hij af tot het <rkp'^ het laagste en nu
;
Ik zal Mij
;
de gedachte Gods aan den
brengen, werd de goddelijke Aóyza
dus twee grenzen
zijn
Hem
De
onderwijs.
somatiseeren,
is
de
er.
/Sf:\i'.^
niet zooals wij het
laag viel, moest de Xóys^ zich wel als
worden.
te
En nu, zóó opgevat, klopt het volgende en is er harmonie. Vroeger kon de Aóysc nooit gegrepen, maar nu Hij gematerialiseerd werd, nu is de er en zegt Johannes y~xl 'i^ix<T'A(jt.i^x rty Só':;y.u xlro'j. (Vandaar dat het ikkfio^vj van vers 16 staat tegenover het 5>x. 'iXxfio-j van vers 11 en vers 5.) En nu ?.1:]>'.>;
wat grepen
Armoede
?
zij
?
— Neen, heerlijkheid! gelijk die van den eengeborenen
des Vaders.
En nu gevoelen de Drieëenheid
ware de Zoon dat
uit
de Aóysc
het
geworden
Aan de
(dat
die Txpi- werd.
is,
En nu begrijpen
te zijn, als in
den Zoon van God.
Zijn en bewustzijn verschillen in zooverre, dat bewustzijn
reflectie
van het
en
essentia en adessentia of existentia
wel één;
zijn
zich
in
Moeilijker
zelf.
is
in
;
het onderscheid tusschen
als ik zeg: iets is wezenlijk
Zeg
ik
:
er
is
gedacht heeft over een In het eerste
spiegelgevecht.
is
tot
maar dat het
er
geval heb ik aan te toonen, dit
Dan heb
ik
Zeg
een slag maken.
dat er niet alleen gedreigd
ik,
slag,
confesso, maar dat
in
of werkelijk,
een wezenlijke slag geleverd, dan bedoel
dan bedoel
slag geleverd,
gebeurd
de
Die twee
zijn
niet
dat niet hetzelfde. ik,
dat de notae aan-
ik: er is werkelijk is,
dat
ook toe gekomen
niet,
is
wezen
Hollandsch spreekt men ook
't
van de wezenlijkheid en werkelijkheid van een zaak.
wezig waren, die een gevecht
is
wij ook, dat hetzelfde
den tweeden persoon was na de ha-xpyMfnc, zich be-
vorige bespreking lag ten grondslag het verschil tusschen wezen, zijn
en bewustzijn.
zijn,
uit
ware onzin en godslasterlijk, want dan het verband met den Vader en den H. Geest gerukt), maar is
subject, dat als Acyst: in
wust was dezelfde
Txp^ lyivir: niet bedoelt, dat de tweede persoon
wij, dat het
crxp[:
men
een
niet alleen
is.
dat er gevochten
is,
want dat
vechten een slag was, niet een schermutseling of
dus na
te
gaan de notae necessariae van een veld-
slag en aan te toonen, dat deze aanwezig waren.
Daarentegen staan,
leverd
plan
dan ;
in
is
als
de
legers
de vraag niet:
is
van
Frankrijk en Duitschland tegenover elkaar
er een spiegelgevecht of wezenlijk
daarover wordt niet geoordeeld, maar wel de
Spreekt
realiteit
:
is
de slag
uit
gevecht gehet idee, het
overgegaan.
men dus over
het wezen, dan handelt
men over de
notae, die het
karakter van een zaak aangeven.
Spreekt
men over de werkelijkheid, dan handelt men over de in de momenten der historie intrad of niet.
een zaak reeds
vraag, of zulk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's