Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 748
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Tertia.)
58
echter
eerste
van
Men de
staat
hierin
Nu het
het
is
zonder
De
groote
een
in
vraag
nu
is
waar vrije keuze is, van de idee tot waar geene vrije keuze is, de idee
dat,
terwijl,
komen en idee fixe wordt. God de Heere enkel de ideeën
heeft
:
God geene andere
in
ideeën
hebben vastgezet, dan zijn
Door de Gereformeerden keuze
er
God
in
oneindige
is
zijn,
hebben vastgezet
dan die zich
geene
er
is
God opgenomen
in
want dan
besluit noodig,
die
komen
ook andere daarbuiten ? bepaalt de ideeënvolkomenheid
of
volheid der ideeën
eene
een noodzakelijk gevolg van de idee of
zich tot die ideeën, die zich in de Trpb^ima er
7rpóB-e<rtc
dat
zóó,
wordt,
tot het besluit te
besluit,
God Als
dingen
alle
bij
is
keuze.
vrije
overgegaan
besluit
drijft,
tot
of het besluit
ligt,
wel een gevolg van
krankzinnig werd.
hij
de quacstie van het onderscheid tusschen het besluit en
dat
gevoelt,
idee
tegenover zijne idee, de andere was onder de macht
vrij
gekomen, die hem dreef totdat
zijne idee
in
is
is
er eigenlijk
het de ideeën waaruit alle dingen
daarentegen
er
is
van
volheid
en wanneer de geheele
keuze,
het besluit, dan
ideeën,
en
steeds
geen
voortkwamen.
de nadruk op gelegd,
de idee van deze wereld, maar
Hij heeft niet alleen
;
of niet ?
Zijn besluit als
in
volheid werd nu de
uit die
TrpóB-icric
van de wereld gekozen.
De kosmos dus,
dat
er
God geene andere
ideeën
zijn
kosmos ook
zegt
men
dan de gerealiseerde, dan
stelt
ideeënwereld van
de
eindig,
is
in
den
;
men in Hem eene eindige ideeënwereld, en daarmee zou de oneindigheid Gods worden vernietigd; zijne ideeënwereld moet dus eene oneindige wezen, die kan derhalve niet in den eindigen kosmos gerealiseerd zijn. De ideeënvolheid in God is dus rijker dan de schat van ideeën, die in dezen kosmos gerealiseerd zijn. Om dat te doen gevoelen, moeten wij iets diejDer
in
bilitas
wil
zich
de zaak indringen. zeggen,
Creabilia
verwezenlijken
volkomen
De geheel
wezen
ideeën
niets
fantastische
is
zijn
God
eene imitabilitas Dei
wezen kan doet
dit
gedachten
spiegelt
Waarin
hnitaspiegelt
in de creabilia, niet enkel in de
Gods,
God
in creaturis.
afspiegelen.
zich
die
Hij
zou
hebben kunnen
den tegenwoordigen kosmos
in
af.
in
van
los
de
zijn
derhalve
;
Er
men
Wezen Gods af?
het
creaturen.
niet
dat
God
zijn
ons
wezen
uitstaande ideeën,
niet als die in zijn,
hebben,
die
ons
;
wij
begrippen over
over
een
met ons wezen
kunnen ideeën hebben,
dingen, die met ons
een
rhinoceros etc, ook
ijsberg,
niets te
die
allerlei
maken hebben, maar
er
van
buitenaf zijn ingedrongen.
Daarom wezen,
en
bestaat
nu
is
er
geen
de
vraag: kan
organisch
God
verband
tusschen
onze
idee
en
ons
ideeën krijgen van elders, kan Hij die
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's