Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 435
college-dictaat van een der studenten
§
De kniebuiging Jes. 45
23
:
„
:
Cor. 15
1
.
.
.
is
het teeken van de erkenning der souvereiniteit.
Alle ding
totdat Hij in de rangorde de
Job 42
2
:
Vandaar
moet aan God ondergerangschikt worden,
Eminente
is.
vermoogt en dat geene van uwe gedachten
„Ik weet, dat Gij alles
:
417
Dei.
dat Mij alle knie zal gebogen worden, alle tong Mij zal zweren."
27 en 28.
:
De virtutibus
7.
kan afgesneden worden." Zietdaar de conclusie, waartoe de machtige verkon-
in
Gods almacht
van
diging
zooals die
leidt,
in
boek Job voorkomt, vooral
het
cap. 38 tot cap. 41.
De
Hij
zeggen bijv.
rooven,
zal
Wat
:
over
Hem
en de
zal
ook
Dei
virtus
wie
vv.,
waar
leem
als
21
:
zijn
juist
antithetisch
nog Rom.
van een koning
Job 9
wie
zal tot
Hem
het beeld van den pottenbakker,
in
11
36 en
:
1
Cor. 15
Gods
dingen,
25 en 26,
:
tot een
beperkten kring, gelijk die
Eens konings gezag bijvoorbeeld gaat alleen
die
de
burgerlijke maatschappij raken, en eene
over persoonlijke aangelegenheden en het zieleleven
Maar Gods
12:
:
beeld wordt gebruikt van de almachtigheid
een vader.
of
uitwendige
inquisitie
zedelijk,
bijv.
inklevende souvereiniteit.
Cf. ten slotte
de
;
de souvereine beschikking van den potten-
Die souvereiniteit Gods strekt zich niet uit
over
uit,
Hem doen wedergeven
het
doet Gij ?" Voorts gedurig
Rom. 9
bakker
deze
drukt
Schrift
„Zie,
souvereiniteit kent
geen beperking.
is
contrabande.
Die gaat over ons lichamelijk,
denkend, kunst- en religieus leven en het leven onzer zinnen, over
Dat
relatiën.
is
alle
de ware Christelijke beschouwing bijvoorbeeld ook over ons
is Gods goed, en wij zijn er rekenschap van verschuldigd. Gods gaat ook over ons genadeleven. Hier hebben de gereformeerde kerken de souvereiniteit Gods beleden tegenover alle andere
Al ons goed
kapitaal.
De
souvereiniteit
Een koning kan
Christelijke kerken.
zonder onderdanen
niet
antwoord op de eerste vraag van den Heidelberger. d.
i.
van onder de souvereiniteit, des Satans
uit
souvereiniteit bestaat niet bij de menschen.
eenige souvereiniteit
;
die heeft
God de Heere
wat op aarde zich souverein noemt
God
een instrument, waardoor is
eigenlijk
Gelijk
er
souvereiniteit onder
En
als zijn eigen, d.
in
i.
eigendom.
Geen enkel mensch
heeft
alleen als de Almachtige.
of souverein
genaamd word,
zijn souvereiniteit uitoejent.
instrumenten voor Gods recht en aankondiging van
De
geweld,
is
Anders
geen rechters of profeten op aarde
eigenlijk
dies wegwerpelijk.
zijn uit het
Alles
niets te
dan
spreken
Wij moesten eigenlijk zulke namen nooit bezigen.
ongeoorloofd.
ook
ook het
gekomen, en nu gezet onder
den lieven en beminden Souverein Jezus Christus,
Deze
Wij
Cf.
zijn.
menschen draagt
dit karakter,
de tweede plaats
souvereiniteit uit te oefenen.
Een koning,
zijn
is
zijn,
maar
alleen
Raad. dat
er dikwijls
zij
aangesteld
geene kracht
is
om
en
de
die uit zijn land verjaagd word, heeft
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's