Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 390
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Prima.)
372 ziedenden
Had nu de
ijver.
dan ware
sanctitas Dei geen ander doel
gegaan wat
alles teloor
dan
om
weren,
af te
den Fons bonorum was uitgevloeid. Maar
uit
was Gods doel niet bereikt, dat in zijn creatuur allerlei bona zouden Dan zou God zijne eigen schepping niet weten te mainteneeren. En schitteren. daarom is er wel aan de eene zijde de ira Dei, die ontbrandt, maar gaat aan de andere zijde de eigen heiligheid Gods uit, om in het substraat van dat creadan
tuur het onverdelgbare en onweder standelijke heilige van het nieuwe leven in Hier
brengen.
is
te
dus de belijdenis van Gods heiligheid, die de Luthersche, noch
de Grieksche, nog de Roomsche kerk heeft ingezien, maar die door de gerefor-
meerden
Het
gegrepen.
is
met een exponent,
is
de eigen heiligheid Gods, maar nu geaccentueerd, redt, die in het schepsel indraagt
hooger Potenz, die
in
Het
onwederstandelijk en onverdelgbaar leven. en daarna de liefde, die redt;
brandt,
die
is
dus
maar de
een
niet eerst de heiligheid,
éene heiligheid Gods, die
beide volbrengt.
En dat
nu principieel en centraal
ligt
heiligheid
niet toelaten, dat
zult
uw
zóo
heilig
het
verderf
blijft
overstaan.
worden, blijkens Luk.
1
hartigheid of de liefde
Dat
:
Gods
heeft
aanrandbaar
niet
Vandaar ook, zal
Want
gemeenschap met
mijne hand rukken
;
geopenbaard worden, maar het
geboren
zal
barm-
heilige
op den
dat heilig zijn gaat van Christus over op dege-
Hem
zijn,
Cf. Joh.
10
die :
Hem uit
Want Gods
afweert.
zijn ingeplant.
28 en 29
niemand kan ze rukken
uitverkorenen
zijne
de Christus
dat, als
de hoogste openbaring van Gods heiligheid
van
door het verderf, dat
is
dus niet eene uitsluitend toornende beteekenis, maar het
de volharding der heiligen.
is
10: „Gij
:
35, de eerste aankondiging niet inhoudt, dat de
eene genadegave.
nen, die in
dat de
is het,
treedt.
heilige
is juist
Hem
dat het, zelfs tot in de sjeool geworpen, onwederstandelijk tegen
is,
voorgrond
In
heet het in Ps. 16
Heilige de verderving zie." Daar treedt de Christus
op met dat onverdelgbare, dat
juist
den Christus.
in
Daarom
des Heeren zich openbaart.
:
En zoo ontstaat
„Niemand
zal dezelve uit
Dat
de hand mijns Vaders."
in het schepsel, die alle
bederf
wordt hun zóo diep
heiligheid
ingeplant, dat zelfs de duivel hen niet kan wegrukken.
Vandaar, dat de natuurlijke naam voor wie Christus cf.
Efez.
1
:
1
alleen tegenover den kóo-jucc, die iv te
rw
overweldigen gesteld, maar worden
plante heiligheid ook in
1
Cor. 6
:
7rcu-^p'j>
zij
ook
y-iirxc,
als
2 „Weet
gij
niet,
die wereld gaat de toorn
ook
hen een vuur, een
ijver,
:
ol
'dyioi,
of-yioc
niet
onverdelgbaar en niet
hierin ectype, dat de
Daarom
veroordeelend over die wereld uitgaat.
Tegen in
ingelijfd zijn, is
en vele andere plaatsen. En eindelijk worden dan die
hun inge-
zegt de Schrift
dat de heiligen de wereld oordeelen zullen?"
ook van Gods heiligen
om
uit.
De
heiligheid
wordt
defensief en offensief tegen die wereld
in
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's