Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 551
college-dictaat van een der studenten
:
CAPUT
I.
Inleiding.
Jezus de Christus.
De
van
saamvatting is
Jezus
door de
schepsel
wonnen die
zondaar wierd
die
door
zelf
ligt
meert
zich
in
aan
dat
de
de
naam
En
zoo
en
het
Christus op een bestel, dat
kwam, haar gekend en
dezen
naam
eenen
wijst
op
van
volk
het
al
in beginsel
Jezus geeft de aansluiting aan
over-
den mensch,
Christus
Het genadeverbond
naam van den Middelaar
besloten.
zijne
geboorte
God,
dat achter zijn geboorte
naar
heenwijst
uit
en subsu-
Israël
van
hetgeen
ligt,
oudsher
volk geopenbaard was, en alzoo subsumeert alles wat, Logos vleesch wierd, door den Messias is volbracht. Ein-
de
delijk
de
naam
genade den zondaar ontzondigt. in
dat
de naam Christus geeft de aansluiting aan God,
;
naam Jezus
de
evengelijk
eer
zijn
geheel
belijdenis,
Duidt toch de naam
op de verlorenheid, waarin het
verlossingsgedachte
De naam
had.
de
in
ligt
de inleiding.
verzonk, tegelijk duidt de
reeds, eer deze verlorenheid
Voorts,
Christologie
Ook voor
de Christus.
Jezus
alle
naam Jezus is
het
plaatsen
ons voor
stelt
voor de
Christus
altoos
van
de
zijn
roeping
en
zuiverhouding
beide
in
persoon en verschijning,
het
werk van
van
deze
zijn
beide
ambt.
namen
den juisten samenhang waardoor het
rechtzinnig karakter der Christologie wordt beheerscht.
Toelichting.
Hetgeen de Apostel Paulus (Cap. 3
8—11)
Waar
digen. als
:
het ons vergund
wordt zulk een
de kennis van den Zone Gods
voeten Er
te
is
besloten
is,
heilig
onderwerp aan
in
al,
wat
wij
onderzoeken kunnen
niets,
den naam van Jezus Christus.
wat
in
is.
de verste verte
Wie over den
wat
Christus spreekt,
Al wat Scholastiek zou zijn zich met dien naam met een .levenlooze bezighield; alleen bedoelde met het intellect tot den Logos
te gaan, is in zich zelf geoordeeld.
;
Daarom moeten
den Apostel lezen, dat deze kennis teekent. krijgen of gij moet het er voor over hebben Het
roeren
heerlijkheid en teederheid, volheid en majesteit bij dat ééne,
ligt in
raakt aan den levenden God. als
te
daar betaamt het ons „de schoenen onzer
ontbinden", omdat de grond, waarop wij staan, „heilig land"
onder
kan halen
aan de Kerk van Philippi
schrijft
plaatsen wij boven dezen locus, opdat wij ons niet bezon-
is
niet zoo, dat wij in
Hij zegt
om
wij vooraf het
woord van
die kennis
niet te ver-
:
alles schade, ja,
is
drek
te achten.
de wereld leven kunnen, hare vreugde genieten en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's