Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 649

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 649

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

HooFDST.

Personen enz.

drie

we dus gesproken worden van de

Hier zien

Mediator

De

III.

B.

De Tweede Persoon.

constitutio Mediatoris, van

den

Hoogepriester, niet naar de ordening van Aaron, maar naar die

als

van Melchizedek,

welke heerlijkheid

tot

Hij

door den Vader geroepen

verband hiermede moet ook verstaan worden wat

In

215

we

is.

Rom.

lezen in

1

:

4,

waar de Apostel van den Christus spreekt als van Hem, die „krachtiglijk bewezen is de Zone Gods te zijn, naar den Geest der heiligmaking, uit de opstanding der dooden".

Gaan we nu wij

af

2:7

Psalm

van

exegese

als

Heere heeft

op die verklaringen van het Nieuwe Testament, dan krijgen gezegd:

tot Mij

Gij

zijt

dit

„Ik

:

zal

van het besluit verhalen, de

mijn Zoon, heden heb Ik

U

tot

Middelaar

gesteld".

Nu komt

vraag op

de

echter

Hoe

:

is

dit

overeenstemming

in

brengen

te

met T^iJ'^?

vrouw

de

woord,

het

is

"i^^^

dat

baart

die

van

;

Hebreeuwsch gemeenlijk gebezigd wordt van

het

in

man wordt dan

den

gebruikt de Hiphil T^ln

:

hij

de causa van het baren der vrouw.

is

Dat woord van

wel

wordt

„baren"

„het

bijv.

wat de dag

niet

lezen in Deut. 32 geten, en

gij

hebt

het

is

:

„Beroem u

zal baren",

:

dien

in

't

gebruikt, en

Zoo

algemeen.

over den dag van morgen, want staat n^'

wordt ten

;

terwijl zelfs

opzichte

van

gij

weet

door den Heere

zijn

volk,

want

die u gegenereerd heeft, hebt

gij

wij

ver-

vergetenis gesteld den God, die u gebaard heeft. dat op die laatste plaats de uitdrukkingen „baren" en

duidelijk, :

het doen uitkomen van het volk als volk.

kan men het ook

zin

niet

ook daar

„Den Rotssteen,

18: in

„genereeren" aanduiden In

Hebreeuwsch ook overdrachtelijk

't

aanschouwen", voortbrengen

uitdrukking gebezigd

dezelfde

Nu

in

Job gezegd, dat de wolken den rijm en den regen baren, en

bij

Spr. 27 lezen wij

in

is

doen

licht

in

Psalm 2 verstaan:

doen uitkomen", zoodat het dan op de epiphanie

„Ik

heb

slaat en niet

U

als

Messias

op de eeuwige

komt overeen met Acta 13 33 en Hebr. 5 5 het is in de opstanding van Christus, dat openbaar werd aan de wereld, dat Hij niet was een mensch, maar Gods Zoon; de opwekking uit de dioden vindiceerde Hem Dit

generatie.

als

:

:

;

zoodanig.

Nu

blijft

alleen

nog de moeilijkheid van het „heden'' bestaan.

Stond

dat

er

hiermee

zijn

afgeloopen,

daarmee dus Dat

DV'r\

niet

bij,

en

was

maar

hier een imperfectum,

l^nni'^

is

nu

eenmaal

dan zou de exegese

perfectum,

we komen

niet verder. is

metterdaad een onoverkomelijk bezwaar

om

de gegevene exe-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 649

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's