Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 752
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Tertia).
62 vonden.
nemen
Zij
de rozen en klimmen vandaar per inductionem op
eerst
tot
het species en genus.
Volgens punt
God
ziet
en
heeft,
in
God de
er echter in
is
idee, die als
de vertakkingen, die
uit
uitgangs-
die universalia uit-
de ideeën van de species en de individuae. Het witte
al
licht
Zoo
daarin ziet Hij alle schakeeringen, die in de tinten uitkomen.
en
er,
is
universale
het
gaan,
goede Realisme
het
genomen,
dus
is
universale
deze wereld zich vertoont aan onzen geest,
in
geweest, eer de individualiseering er was
God
in
wat
al
als
daaruit zijn al
;
de specialiseeringen voortgekomen.
dan
Indien
nu
hebben
ons, species en genera zijn, die reëel be-
de ideeënwereld Gods,
in
van
afspiegeling
noodzakelijke
om
de dingen
in
staan en die hun grond
in
Wezen,
Zijn
in
als
hoe komen
zichzelf,
dan daaraan ?
wij
de
Zooals
onze geest
Nominalist
zegt
omdat
heeft,
:
door opklimming naar
wij
Gods gemeenschap. Er
Geest
is
die
de
in
het kind
bij
al
met den
;
daardoor bezit onze geest de vatbaarheid
dat onderscheidene in de wereld, die universalia, is
het dus, dat
het opgroeien, eerst door vele dingen te zien, tot de idee van een
komt, maar het heeft, zoodra het bewustzijn werken gaat, die uni-
universale
begrippen
versale
in
zijn,
maar Xóysg eeuwiglijk in God, die zich maar er is ook in den menschelijken geest
en genera uitkomen, te verstaan. Niet zóo
species
Neen, maar
genera ?
niet
een afdruk gegeven van dien logos
om, door God geleerd,
tot de
Gods geschapen
beeld
het
de geschapen dingen afspiegelde,
in
Wezen
Goddelijk
het
zich
bij
niet
zijn
zij
;
het
werkzaam-
van
resultaat
heid van zijnen geest, maar onmiddellijk met het leven zelf gegeven.
Nu
intusschen
zijn
ideeën
der
ideeën die wij zij
mogen
al
God
niet alleen
de ideeën der dingen, maar ook de
menschen hebben denkbeelden over de dingen de van de dingen hebben, zijn niet willekeurig, maar noodzakelijk; ;
een verschillenden graad van juistheid hebben,
den
van
geest
in
Wij
ideeën.
een
helderder
is
door twee factoren
zakelijk bepaald
:
naarmate de
al
dan die van den ander, maar
zij
zijn
nood-
de dingen en de geaardheid, de natura en
mensura van den menschelijken geest. Dat die ideeën dingen
vinden
ideeën,
die
maar geen wereld
Hem
in
ons
zijn,
gaat niet buiten
identiteit,
den
God om Nu
de ideeën Gods haar bepaling.
God van de dingen
van
zijn
in
die ideeën van de
bestaat er tusschen de
heeft en die wij er van hebben, wel analogie
en daar die twee niet identiek
mensch grond en oorzaak vinden
:
absoluten
en
10.
ideeën van de dingen
2.
ideeën voor de menschelijke ideeënwereld.
in
ook
;
zin,
zijn,
in
moet ook de ideeën-
de ideeën
in
God.
In
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's