Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 46
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Prima.)
28
Vooral
„verbeeldend vermogen", de phantasie,
dat
vaak beschouwd
is
een soort invliegende wildzang, die echter volstrekt niet een eigen
Het de
evenwel van het grootste gewicht
is
voorstelling
verbeelding
of
De
nauwste samen.
de
maar wel
begrippen,
De mens conscia
conscia opkomt. actief,
bij
nl.
uit
ware
inzicht in eene zaak, het
te
rekenen met de indrukken,
datgene, waardoor
al
wel deels passief,
is
nl. bij
iets
in
de mens
de aandoeningen,
intellect,
dan
toch
het bewustzijn
in
eerst verkregen, als al die
samenwerken.
Voorts moet nog opgemerkt, dat er in deze werkingen een volgorde
kan ze
maar pêle-mêle dooreenzetten.
niet
het
vorming der begrippen, maar altoos wordt het ware
de
onderscheidene factoren
laatste
het intellect, zoodat de facultas
bij
ook heeft
degelijk
gewaarwordingen, beseffen, kortom met deels
het
wordt uitgeput met het noemen van de ars cogitandi
intelligendi volstrekt niet
en
verbeeldend,
het
uit
Maar beide hooren
denkend vermogen.
Immers,
van eene zaak en haar begrip hangen op het
komt
eerste
de facultas intelligendi.
bij
als
vormde.
iets
Er
iets,
is
dat de eerste,
Men
is.
iets,
dat
Die series of ordo nu begint nooit met het begrip, maar altoos moeten er voorstellingen, gewaarwordingen en beseffen vooraf-
de tweede,
gaan, zou
zal
een
er
begrip kunnen onstaan.
Het begrip van een
ons
van
boom hadden. En wederom zou de
een
nooit
ons kunnen komen, indien
in
besef van een
boom aanwezig was. die beseffen nu in
gedachte
allerlei
Tusschen
dat
ons?
naar het beeld van Hem, die
Gods en
uit
boomen,
creaturen, en daaronder ook de
bewustzijn
ons bewustzijn het
de volheid van zijne heeft voortgebracht.
het onze bestaat dus verwantschap.
Welnu,
Gods bewustzijn nu archetypisch het beeld van den ganschen kosmos daarom, en daarom alleen, hebben wij ook het vermogen, om ons de
omdat ligt,
geschapen
zijn
bijv.,
van een
voorstelling
niet vooraf in
Hoe komen Wij
boom
bewustzijn nooit kunnen komen, indien wij niet vooraf de voor-
in
stelling
boom
dat de derde plaats inneemt enz.
iets,
in
creaturen voor te stellen en te denken.
Gods schepping
buiten
geschapen,
dan
zouden
vormen noch een begrip zulk
van
eene
wij
begrip
zaak
Stelt,
wat nu ondenkbaar
bestond of er door eene andere macht
iets
ons van dat
kunnen
is
nooit eene voorstelling
Want
krijgen.
voor ons mogelijk
eene zaak een creatuur Gods
iets
zijn,
en wij
dat
komt
naar
dat er
is,
iets
werd
kunnen
de voorstelling en het alleen daarvandaan, dat
Gods beeld
zijn
geschapen.
Het besef der zaak is dan archetypisch in God en door de schepping naar den beeldeGods ectypisch in ons. Waaruit volgt,
met
dat
wat
de beseffen altoos de
mensch rondom
eerst
zich
aanwezig moeten waarneemt,
tot
zijn,
de
deze
in
voorstelling
verband leiden,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's