Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 484

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 484

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Locus DE Deo {Pars Altera.)

50

Gevolg hiervan

't

en

gevoelt

denkende aan

Christenmensch,

een

dat

is,

zichzelven

in

de werking die

ervaart

den Catechismus beschreven wordt: „dat

tegen

ik

het 60s*e

in

de geboden Gods zwaar-

al

gezondigd heb, en geen derzelve gehouden, en nog steeds

lijk

zijnen God, antwoord van

tot alle

boos-

heid geneigd ben."

Wie van

geene

hieraan

kennis

spot er mee, maar

heeft,

Gods geweest

kinderen

alle

eeuwen, dat

alle

in

zij

't

de zielservaring

is

altoos uitgingen van

dat diepe besef van schuldgevoel tegenover een heilig God. Dat besef nu, dat in

Gods

zich ervaren van den toorn

den

tegenover

maar ook

schepsel,

een

2o.

gelijk

tegenover

Heere,

zijne schuld als

Christen

zóo aan toe

er

hij

is

schuld

hem toegerekend wordt

schuld

vergeven

zal

geworpen

in

is

kent

Die

hij

nog nog

schuld

sing?

nadat

heeft

van

als

iemand voor wien Christus

alle

is

hij

hem misschien

niet dat

;

in

de toekomst zijne

de zee der vergetelheid.

leeft

in

is

is

persoonlijk

God

op hem verhalen

zijne schuld

de rechtvaardigmaking door het geloof.

niet

;

maar hoe komt de Christen aan Neen

die verlos-

die zelf bewerkt, een ander, eenig schepsel?

Dat is

is

er

het Evangelie, dat de schulden

om

!

is

juist

wie

om hem

weggenomen

iets, want Gods kind volbracht, maar hoe komt

zijn

nog

die verlossing voor bij

want zoo-

het principieele antwoord,

de meening dat

dus weggedaan

te verlossen.

nu

gehoor-

worden, neen, maar^at die nu reeds voor eeuwig door

voor eeuwig. Maar nu 3^.

als

zijne schuld heeft beleden,

hij

eeuwige schuld gevoelde, begrijpt dat het alleen Gods werk

zijne

er

die,

antwoord van den Catechismus iemand

lang zal,

den Christen

minderheid

heeft volbracht. Hij leeft dus tevens in het besef, dat niets van zijne

zaamheid

Dit

stelt

zijne

dat 60ste antwoord geschiedt, met dat antwoord verder gaat, en nu

in

bekent, dat

God

slechts

niet

hij

zondaar gevoelt. Maar

ook iemand,

is

op het leven drukt,

die

wien

die groote

genade op zich toe

te

passen, wie zal

hij

nu

er

hem

dat

brengen ? Dat vrede is

er

is

de belijdenis van den Heiligen Geest.

hebben

de gemeenschap met

buiten

waarachtige

een

een

God God God

Die drie nu die

God

die

in

zijn

eigen hart

;

dan eerst

religie.

Dus komen de zaken zoo een

God

Een kind van God kan geen

dien die

te slaan

voor het kind Gods, dat er

is

beleedigd heeft,

hij

hem

verlost heeft,

die in zijn hart woont. zijn

hem

voor hem onderscheiden, want die

God

die beleedigd

verlost heeft differenzieren voor zijn besef, en die

bidt in zijn eigen hart

is

weer onderscheiden van die twee.

is,

God

en die

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 484

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's