Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 682
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Altera.)
248
Tusschen Vader, Zoon en Heiligen Geest raad,
werking en
hen,
en
vermogen
onderscheidt
dat
elkander staan.
Wie dus
onderscheiding,
hoe
God, die
men tusschen
behalve
stellen zou,
ook,
gering
als
Zoon
in
tot
zij
de
zou het
relatiën,
het geheel opheffen.
ja,
den Zoon, en een en
in
wanneer
zich geobiectiveerd weet uit den Vader,
twee verschil zou willen zoeken, zou de obiectiveering
die
uit
zou er een werkeloos deel, hoe klein dan
zijn,
zou het eeuwig Goddelijk karakter
zoo
Vader overblijven, en
den
in
waarin
relatie
tusschen Vader, Zoon, en Heilige Geest ééne enkele
Vader eene onvolkomene
ook,
de
in
een en dezelfde God, die zich obiectiveert
is
dezelfde
den
één onderscheid tusschen
alleen
is
uitsluitend
bestaat
der Drieëenheid ten eenenmale vervalschen,
mysterie
Het
er
betreft,
geen verschil, wat hun wezen,
is
des Vaders vernietigd worden.
menschen vindt
ons
Bij
wezen
plaats,
niet
deelen
werken
bij
Vader
van
den
die
twee.
alzoo
altijd
slechts obiectiveering van een deel van ons
echter
Hem volkomen
God,
bij
Hij
volkomen adaequaat aan
is
Vader en Zoon,
is
is
actus purissimus, alle
altijd
absoluut en geheel, en de zelfobiectiveering zijn
Wezen, de
tusschen
relatie
alleen deze, dat de een obiectiveert terwijl de
ander geobiectiveerd wordt. Ditzelfde
ook weer van het derde moment
geldt
het Goddelijk
in
God
hoe de obiectiveerende God, door den geobiectiveerden
volkomen openbaart. zelfbewustzijn
ons
in
sterker
anders, zijn
ook naar
krachtiger opwaakt,
Waar
wezen.
zal
de daad
of
dat
nu
iets
die
mate de
ons zoo
bij
van zelfobiectiveering moet ook
op
letten, dat alle
doen, en dat, naarmate
bij
is,
innerlijke actie
daar kan het niet
God den Heere
niet
een spel des zelfbehagens, maar leiden tot het oefenen van kracht.
Wanneer door ons op
die
gehandeld
wijze
onderscheid bestaan tusschen de kracht, die veerd
wordt,
God
Bij
als wij er
ons daarmede eindigt, dat wij
bij
zelfbewustzijn
het
wordt ons duidelijk
Dit
Wezen
heen, zijne kracht
omdat onze
echter
moet werken
actie,
kan het
niet
vrucht
van
als
evenals
in
wordt, dan zal er een groot
ons
schuilt,
en wat geobiecti-
ons zelfbewustzijn, onvolkomen
anders of de volkomen absolute kracht
de
obiectiveering,
en
daarom
kan
in
er in
is.
God den
Heiligen Geest nooit iets minder zijn dan in den Vader en den Zoon.
Bovendien actie
kan
er bij
ons
allerlei
kracht, allerlei actie uitkomen buiten ons
maar ook dat is bij God onmogelijk, er is bij Hem geene zelfbewuste, en daarom kan de Heilige Geest niet alleen uit den
zelfbewustzijn
dan
om,
Vader gespireerd buiten den in
die
tusschen
zijn, want dan zou er eene werking wezen, Zoon en dus buiten het Wezen Gods.
relatiën
Vader,
alleen
ligt
nu
het
die
omsloop
eenige onderscheid, dat beleden wordt
Zoon en Heiligen Geest, en
alleen
wie dat onderscheid wil
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's