Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 533
college-dictaat van een der studenten
§
ante parousiam.
57
Valt de beslissing over eeuwige zaligheid of rampzaligheid aan deze zijde
3.
graf, in dit leven ?
van het
onze kringen
In is
De mortuis
3.
Het staat vast
geen vraag meer.
dit bijna
is
de beslissing
:
met den dood gevallen. Gewoonlijk beroept men zich op Tot recht verstand van dit vers, dienen we even de geheele 3. Pred. 11 :
pericoop
1—8
vs.
in te zien.
—
is
„die zal niet
De
niets.
krijgt
Het 2^ gedeelte daarvan
waarom men
reden,
men deze dingen niet weet, ze Wel kunt ge door empirie er
uw
hij,
die
doen en
plicht te
zijn in
eenige
moet geven
5—8).
(vs.
berekenen moet,
niet zelf alles
Daarom
Gods hand. van
kennis
niet
is,
dat
berekenen.
niet
maar met deze
opdoen,
op eigen redeneering
op den impetus van het leven
drijft
het duidelijkst; vs. 4 „wie
hebt ge dan ook te woekeren en verder hebt ge een-
kennis
experimenteele
voudig
is
—
op 't weer wacht, tot het volkomen naar zijn zin zaaien en wie op de wolken ziet, die zal niet maaien", die
op den wind acht geeft"
Dit
Gelukkig
te drijven.
welke den stoot
zelf,
tot
werken
de hoofdgedachte van het 2^ gedeelte dezer
is
en deze zelfde gedachte nu, hier toegepast op den arbeid, wordt
pericoop
in
op de weldadigheid. „Werp uw brood uit het in den stroom van menschelijke ellende,
het Ic deel der pericoop toegepast
op het water" (vs. 1), werp „want gij zult het vinden na vele dagen" een keer in uw leven, vervalt gij ook nog eens
—
want
weet
gij
niet,
En dan komt
uit
woorden
ook
storten, stort
uit
gij
daar
of
zal
zijt
gij
als
maar
vallen en dan
rijkdom,
2o,
naar
hij
nu nog ;
terwijl
;
het
wezen" een
hij
overvloed
uw
niet al te
zijn,
gelijk gij
blijft
uw
aan
weet
hij
die niet vragen,
zoo storten
zijn
waar
:
gij zij
zijt
zij
pias-
eene volle
hun regen
uit-
op het land, onverschillig op wie, want ook de Heere
boozen en goeden en
over
zuiden,
wolken vol geworden
de wolken,
als
onrechtvaardigen
en
„als de
op de aarde" eene paraenetische beeldspraak
wolk; welnu, doe regent
wees
tweeërlei mogelijk
is
dat de
10.
i.
uwer weldadigheid. met een beeld, ontleend aan de wolken en aan den
3
vs.
zal", d.
ook
zult gij
ook aan acht
ja
boom.
val van den
regen
armoede, dan
tot
„Geef een deel aan zeven,
wat kwaad op de aarde wezen
precies in het berekenen
Nu
—
brood vinden.
anderen
bij
misschien komt er nog eens
dan
woorden
noorden
parallel
een niet,
zon opgaan over rechtvaardigen
laat zijne
de
valt, in
kunnen
:
„en
als
de boom naar het
de plaats, waar de
zijn
van
vs.
boom
valt,
2b en beteekenen
boom, die staat, gij hebt nog eer, rijkdom, wat kwaad over u komen kan, de boom kan
liggen, zooals hij ligt
;
gij
kunt plotseling van
uw
eer,
overvloed beroofd worden.
Én de wolken én de boom
zijn
onderworpen aan de
richting en de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's