Pro rege - pagina 552
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
PRO REQE.
546
hem was,
van Tarsen kende, doorgrondde, wist wat
in
de verzenen tegen de
ook
sloeg, en
prii<:kelen
weg moeten we
wist dat
wist, dat
hij
op dat
hij
oogenblik zich op den
naar Damascus bevond. En zoo bepaald
en zoo
het
letterlijk
de aanstelling van eiken Dienaar
bij
nemen.
Doch
dat afweten van de zijnen en dat kennen van degenen, die
roepen
hij
zal,
geloovigen
genoeg. Er werken op
niet
is
allerlei
invloeden van buiten
zijn
Kerk en op
zijn
Invloeden van nationalen
in.
aard, invloeden van historisch karakter, invloeden van sociaal karakter,
van
invloeden
de
publieke
kunst, invloeden van den tijdgeest.
Zijn geloovigen drijven niet als
een oliedrop op de wateren, maar leven
banden van geboorte,
allerlei
wereld
der
Denkt dat
alles
voor
ingeschakeld
op
niet
de
daarmee op
en
als
van dat
hoe zou
hoogte,
zijn
allerlei
door
wijs verbonden.
van
alles niet afwetende,
dan voor
hij
zijn
Kerk en
kunnen teweegbrengen, wat ze
datgene
geloovigen
zijn
de wereld, en
in
familie, ambt, bedrijf enz. in het leven
uw Koning
nu
u
gij
van wetenschap en
invloeden
opinie,
juist
met het oog op die veelzijdige invloeden van noode hebben? Het
daarom
is
anders aan
niet
doorschouwt,
en
ondervangen
gewend om lot,
natie,
met
zijn,
van
en
Goddelijke
en hoe
er vruchten
geloovigen,
als
nemen,
of
wat
dit alles
van
de
in
van onzen Koning denkbaar
stroomen
de
regiment
in
af
zijn,
zin
hoe
al
deze gevaren
Hangt ons
zijnen.
van de historie van ons volk onder de volken
—
als
broeit, in
hoe zou dan het regiment
zonder dat „het bruisen der natiën, voor
klaarlijk is
alles uit zal loopen,
moet gekeerd, geleid en aan-
wereld
bruisen"
geestelijken
't
plukken voor de
te
veelszins er
zekerheid,
verband ook met ons eigen volksleven,
gelijk
onze Koning doorziet ook
de gevaren van, weet waarop
dit alles, ziet er
te
te
niet
uit
te
hem openlag? Het oefenen,
zonder
dat
alwetende kennis elke verborgenheid voor onzen Koning ontsluiert, en
het
lijdt
aan
regiment
dat
het
het
regiment
innerlijke tegenspraak
zoo dikwijls men beweert,
van onzen Koning wel geestelijk
der wereld omgaat. Het een
is
is,
maar buiten
van het ander
in
ons
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's