Onze eeredienst - pagina 428
424
DE OVERGANG VAN DEN HEILIGEN DOOP TOT HET HEILIG AVONDMAAL.
en het liep alles onder den gewonen Dienst door, soms bijna onmerkDit deerde nu niet in de bloeiperiode der Hervorming, toen het
baar.
Europa uiterst opgewekt was, en een ieder zeer wel wist dat het oogenblik kon komen, waarop men voor zijn geloof zou hebben te lijden. Onder jongen en ouden was men toen zeer wel op de hoogte van zijn belijdenis. De Catechismus was in breeden kring gemeengoed en men voelde zich als leden der kerk één. Reeds op het einde der 17e eeuw daarentegen daalde de ernst en de bezieling van dit kerkelijk leven. Men nam de moeite niet om zich op de hoogte van zijn belijdenis te stellen. Het verliep alles steeds meer in doode formaliteit. En vooral het geestelijk leven leed schade. Methodisten, Piëtisten en Baptisten maakten hiervan gebruik om zieltjes te winnen, en wat meer zegt, ze deden aan de ernstige voorgangers en leidslieden der kerk verstaan, dat het hoog tijd werd in de groote volkskerken nieuw leven te wekken. Die drang bleek al spoedig onweerstaanbaar. De mannen der kerk zagen het voor oogen, hoe 't op eigen akker alles verdorde en hoe juist hetMethodisme en Piëtisme er in slaagden een meer bezield leven gaande te houden. Dit kon kerkelijk leven in heel
En zoo kwam men almeer tot de overtuiging, dat Sacrament van het Vormsel, maar dan toch een eenigszins aangrijpende acte noodig hadden om tusschen Doop en Avondmaal een roepstem ter geestelijke opwekking tot het jonge geslacht te zoo
niet
we wel
blijven.
niet het
Engeland nam deze acte het eerst vaster vorm aan. dit streven instemming, onder den naam van Konfirmation, en het is door het overplanten van deze beweging ook binnen de grenzen onzer kerken, dat wij pogingen van gelijken aard ook hiertelande zagen aangewend.
doen uitgaan.
Ook
in
In
Duitschland vond
Te eerder zelfs ging men dien weg op, naardien de belijdenis van den Doop ook ten onzent allengs zoo meer verliep. Tegen den aard van onze belijdenis in, was men toch hier te lande tot een volkskerk gekomen. De Gereformeerde kerk was de heerschende en gaf velerlei voordeel.
voor
onze
Vandaar dat ook
zij
die van verre stonden en niets
belijdenis gevoelden, toch hun kinderen in onze kerken gedoopt hebben. Kleine groepjes bleven zich afzonderen in de Remonstrantsche en Doopsgezinde fractie, maar voor het overige ging alles wat niet Roomsch bleef, van lieverlede tot onze kerken over. Gevolg hiervan was, dat het kerkbegrip het Verbond niet meer dekte, en het geheiligd zijn in zijn ouders steeds meer verviel. Zoodoende kon men niet meer onderstellen, dat het te doopen kind wedergeboren was. Het kwam steeds meer op één lijn te staan met een
wilden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's