Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Pro rege - pagina 154

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Pro rege - pagina 154

of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid

2 minuten leestijd

PRO REGE.

148

God

begon

afviel,

als vanzelf in die

allesbeheerschende

het

zien,

te

overmachtige natuur het hoogste,

kwam

zoo

en

die vreeze de

uit

Natuurdienst op, of de dienst van de booze geesten, die

En omgekeerd, waar

dreigen.

de

losliet

de

mensch

wel

en

Hem als op zijn God

der

zelf

bezigen

en

beteekenis gewijzigd

woord

werd de vreeze Gods

over, en

maar

God te

en

vreezen,

te

nu

houdt

het

bij

ons toch geheel

is

is

alzoo

in,

om

heilige ordinantiën

zijn

letterlijk

daaruit het denkbeeld

God

en

voor ons de tegenstelling geworden,

is

anders

niet

o-o t/s-

denk maar aan het

vreest;

Furcfit voor vreeze; godsvrucht

den mensch

en

die

en bangheid, van ontzetting geheel verdwenen.

angst

niet

het

woord, een uitdrukking, die wij nog

kunnen,

nog altoos vreeze Gods. Maar voor ons van

niet

machtiger was dan

Het woord godvruchtig, het woord

is.

be-

instrument diende, daar bracht de

nog zeggen iemand die God

wil

Duitsche

Een

religie.

bijhouden

God nóg

achtte te

men

het geloof stand hield, en

ze

dat

zijn vreeze

vrucht

den mensch met vernieling

overtuiging, dat toch onze

Natuur,

wezen

in

om

die natuur misbruikten,

dat

men

dan

stillen

eerbied voor onzen

als zijn creatuur

ons aan

Hem

onderwerpen.

Maar

hier

nu

Ze kwam op

de behoefte aan het wonder

juist trad

in.

de tegenstelling tusschen den zwakken mensch,

uit

en de wild geworden, en daardoor in sterkte en vernietigende macht

God zag men niet. Hij was de Onzienlijke. men die ontzettende Natuur om zich, voor zich,

toegenomen Natuur.

Maar

had

altoos

achter

zich,

daarom

zoo

levensmoed.

Wie kon geloofde

De

en over zich.

overweldigend,

Wie kon

die

en

verpletterde

in

De Schepper

en soms was

den mensch den

Natuur aan? Wie kon tegen haar op?

haar overweldigen en beheerschen? nog.

o.

Het

is

des hemels en der aarde moest mach-

den weg der gewone middelen,

zijn,

Hem

een beschikking ter uitredding. Maar toch de vraag:

in

onze God, werkelijk ook die Natuur en

meester ? drong

zich

men

zoo,

tiger

er,

was

indruk, dien de Natuur maakte,

te sterk,

Is

uit

God,

over die natuur heer

onweerstaanbaar telkens weer op. En

als

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's

Pro rege - pagina 154

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's