Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Onze eeredienst - pagina 347

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onze eeredienst - pagina 347

2 minuten leestijd

SLOT VAN DEN DIENST.

den

onder

Dienst

Hem

zich voor

Ze

vangen.

gemeenschap met haar God getreden.

in

Hem in

de

't

in

Niet

Gemeente

hart

een

op,

die

levensmoed vinden

wereld

in

gaan,

te

zich

om gesterkt en bemoedigd en om van haar God te getuigen,

leven en in Zijn hoede zich veilig te gevoelen.

te

Doorleeft alles

heeft

Woord van God op

heeft haar hart uitgestort en het

weer de

getroost

voor

Ze

verootmoedigd, haar zonde beleden en de absolutie ont-

inwerken. En nu staat ze gereed,

laten

343

't behoort, dan welt er onder dit van dank, van geluk, van verlossing en

dit gelijk

gevoel

zoekt,

uiting

en

die uiting

moet de Gemeente

den nazang. ze

alsof

huiswaarts

te

haar God,

die haar in het Bedehuis ontmoette,

met

Integendeel, juist de Dienst moet

keeren alsnu verlaat.

teweeg brengen, dat de Gemeente ook bij haar leven in de wereld, zich nabij haar God gevoelt. Maar wel treedt dit verschil in, dat in het Bedehuis en onder den Dienst

meenschap bijzondere

neemt, ieder

met

om

wereld dat

zijn

past.

vers

door

voor Het

een

medewerkte,

ontmoeten

te

om

maken,

deze geterwijl

dit

eigen huis gaat opzoeken.

dit

terugkeert,

hij

alles er toe

tot

gewaarwording van zelf een einde de schare het kerkgebouw verlaat, en zoo uiteengaat, dat

Eigenlijk moest de staan,

God

gevoel, deze bijzondere

als

weer

haar

den

mag

Gemeente voor en onder den nazang opstaan

en

te

kennen

natuurlijk

te.

te

lang

bestaan, en dat vers

zijn.

mag

lied

altoos op-

men nu

behoort de Dienaar zorg

nazang altoos zulk een

niet

geven, dat

te

in

de

dragen,

opgeve, dat daarvoor

Het moet nooit meer dan

uit

éen

zeker getal van regels niet overschrij-

En vooral zorge de Dienaar dat de nazang een lied zij, dat de Gemeente uit het hoofd kent met welks inhoud men vertrouwd is; en dat zich uit volle borst laat zingen. Bij het naderen van het slot van den Dienst is het niet zoo gemakkelijk het boek weer op te slaan, het opgegeven lied op te zoeken, en de woorden onder het zingen af te lezen. Men moet niet eerst

den.

geheele

door

het

;

lezen

in

den

zin

inkomen, maar, eer de

mond

en de keel

zich voor het zingen openen, in den inhoud van het lied inzijn.

Ook moet

op toegezien, dat het een vers zij van algemeene strekking, 't zij van aanbidding en lofverheffing, 't zij van dank en toewijding, 't zij meer een gebed om hulpe. En ook lette men er op, dat de wijs van het lied bij het slot van den dienst passé. Er zijn wijzen, die de Gemeente zóó door en door kent, dat ze er mede meegaat en er van zelf inleeft. Maar er zijn ook andere wijzen, die ze uit het bock moet aflezen, en die daarom het hart niet zoo aanstonds toespreken. er

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's

Onze eeredienst - pagina 347

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's