Pro rege - pagina 94
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
PRO REGE.
88
menschelijke verhoudingen gelegd was. Zoo heiligde de Religie het leven, en het leven leidde tot de Religie op.
Maar
natuurlijk,
Ook
houden.
voor den modernen tijdgeest kon
geen stand
dit
die geest der wereld bedoelde wel het leven in vaste
banden saam
vatten.
te
Zonder vaste banden toch
is
er eenheid,
noch kracht, noch heerschappij denkbaar; maar de natuurlijke
kon
hierbij
veeleer
uit
haar
eere
niet
liefde
behouden. Die moderne tijdgeest gaat
van de onderstelling van het
van de ge-
vrije individu,
lijkheid
der individuen, van de mechanische saambinding der indi-
viduen,
ingevolge
uitgangspunt
zijn
In
keuze en
eigen niet
nemen
die wereld zelve zoekt en vindt
die
wereld
Deze geest der wereld kan
wil.
in iets
wat buiten onze wereld
hij
ligt.
het geheim zijner kracht. In
de mensch natuurlijk het beheerschende element, en
is
alzoo moet 'smenschen keuze en wil deze moderne wereld organiseeren. Die vrije keuze en vrije wil des
zoodra ge het individu neemt
eisch,
menschen
is
rechtstreeksche
Elke band van
als uitgangspunt.
geboorte, gezin, familie, woonplaats of wat dies meer
zij,
zou, dieper
toch weer aangelegd zijn door Hooger macht, en zoo het
opgevat,
individu onvrij maken, en het individu bepalen niet uit zichzelf, maar
door een macht van buiten. En immers elke erkenning van een ons bepalende macht, die buiten, achter of boven ons zou gelegen
zou de beslissing over ons en over ons levenslot
maar
laten,
in
Hooger hand
ging van de Religie leiden. terugvallen
ons
en zoo toch weer tot de huldi-
juist dit
mag
niet. Dit
van
allerlei
en
zou
zijn
een
invloeden, die uit een Hoogere
dit staat
nu eenmaal
de wereld worden verklaard en moet
uit
geheel
stellen
op ons inwerkten. En
Het moet wereld.
En
zijn,
onze hand
de dwaling van het voorgeslacht. Dit zou toch weer
afhankelijk
wereld
moet
in
stellen,
niet in
zal blijven
Invloeden
mogen
beheerschen,
een leven daarbij
uit
in
vast,
ons leven
de wereld opgaan.
en voor het Koninkrijk der
op ons werken, en desnoods ons
mits het invloeden zijn en blijven die van de
natuur of van mensch op mensch uitgaan. Maar altoos moet het
de wereld en den mensch opkomen, en
bij
uit
dien alleenheerschenden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's