Onze eeredienst - pagina 230
FORMULIEREN VOOR SCHULDBELIJDENIS.
226
schuldenaren,"
wat alleen
iets
begenadigde
de
zoo diep verootmoedigt. Wil men alzoo de Schuldbelijdenis
naam
ziel
verstaat, en dat
een gebed door den Voor-
in
dan moet het kort zijn, gnomisch zijn opgesteld, rhythmisch en symmetrisch afloopen, en dan moet de inhoud uitdrukken wat de verloste ziel ervaart als ze door de ontmoeting met God Drieënig in zijn tempel, d.i. in de Gemeente, zich ontzet voelt door de trouweloosheid waarmede ze de trouwe van haar Verbonds-God beantwoord heeft. Een gebed niet van wie bezwijkt onder het verbond der werken, maar als van één die zich als een trouwelooze bekent in het Verbond der genade. En dit nu geeft deze Schuldbelijdenis, als zoodanig niet. Reeds de zanger voor allen en
in aller
laten doen,
aanhaking aan het „gebed vóór de predikatie", als in eenen adem te bidden, kan niet worden goedgekeurd. Schuldbelijdenis, en de bede om zegen op het Woord, zijn twee geheel onderscheiden begrippen, die niet aldus Dit verwart. Het uit het ééne in het andere mogen overvloeien. neemt den pas gewekten indruk weer weg. En het mist juist door dien plotselingen overgang tot een geheel ander onderwerp, zijn na-
Tevens
tuurlijken afloop en zin.
het oorzaak dat de bede vóór de
is
Predikatie te veel pro memorie wordt afgedaan, en niet tot haar recht komt. Schuldbelijdenis zelve wekt bedenking.
Maar ook de Ze loopt
in
haar hoofdzinsnede
„Nochtans, o Heere
God
dood des zondaars
niet
en die
uit
begeert,
maar dat
uwe barmhartigheid oneindig
dat zich
tot
U
op bekeering van den zondaar: den
en barmhartige Vader, wetende dat Gij
bekeeren
;
wij
is,
roepen
hij
zich bekeere en leve,
die Gij bewijst aan
U
van harte aan,
degenen
in het ver-
trouwen op onzen Middelaar Jezus Christus, die het Lam Gods is, dat de zonde der wereld wegneemt, en bidden U dat Gij wilt medelijden hebben met onze zwakheid, ons om Christus' wille alle onze zonden vergevende." Iets wat uitnemend is voor de nog onbekeerden, in de vergadering,
maar
Want wel
niet
voor de „vergadering der geloovigen"
„Waarom
als
zoo-
ook niet waardig zijn uw kinderen genaamd te worden," maar dit klopt weer niet met Als David na zijn het volgende, en wordt verder niet uitgewerkt. diepen val bidt „Neem uwen Heiligen Geest niet van mij", dan spreekt hierin het besef van den Heiligen Geest ontvangen te hebben, En als er dan tegelijk met den zielsangst van dien te verliezen. volgt „Geef mij weder de vreugde uws heils", dan hoort ge een bidder die bekent, die vreugde des heils gekend en genoten, maar door zijn zonde verloren te hebben.
danig.
:
:
gaat
er
vooraf
:
wij
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's