Onze eeredienst - pagina 208
:
GODS TEGENWOORDIGHEID.
204
huiswaarts
kerk
naar
gekeerd,
waarheid
oogenblik de tegenwoordigheid zijns
zeggen kon, ook maar
Gods gevoeld
te
.één
hebben.
Soms verloopen
er dagen, zoo geen weken, dat iemand, die toch gelooft, avonds op zijn knieën liggende, en zich afvragende: „Hoe dikwijls heb ik vandaag aan mijn God gedacht?" eerlijk zal moeten erkennen „Ganschelijk niet." En versta nu wel, dit zeggende, spreken we nu niet van de lieden der wereld, maar van de vrijgemaakten des Heeren 's
van
volk
zijn
Ook
engeren
in
zin.
behoeft de één den ander daarbij niet
te
verdenken.
ieder veeleer zijn eigen leven en bestaan doorzoeken, zooals
Laat een
God
zelf
het doorzoekt en doorgrondt, en de zelfaanklacht zal niet uitblijven.
Doch
daarom
juist
is
het nu zoo van het hoogste aanbelang, dat
althans in de „vergadering der geloovigen" zulks anders
zij.
omdat de wereld ons zoo
afleidt, en onze bezigheid ons zoo onzen God vervreemdt, is het zoo noodig dat hiertegenover een tegenwicht geboden worde, en dat tegenwicht moet altoos geboden worden in onze Diensten. Indien de geloovigen zelfs in hun saamvergadering niet tot een
Juist
verstrooit en van
veelszins
voor het aangezichte Gods komen, en de tegenwoordigheid van den Heilige niet ontwaren, wat blijft er dan van hun staan
verkeeren
en
gemeenschapsoefening met den Heilige over? Men gaat dan op, omdat het zoo gewoonte
saam preek
te
te
om den man
zijn,
beoordeelen, en goed of af
we
dat men, als
is,
om met om
die prediken zal te hooren,
het zoo eens
mogen
te
de broeders de gehoorde
keuren, en zooveel meer, maar
uitdrukken, op audiëntie
bij
den
Koning der koningen is geweest, leeft niet in het bewustzijn. Daaruit is dan ook te verklaren al wat met de eerbiedigheid niet is overeen te brengen. Het te laat komen, en voor het Amen weg loopen. Het zich óf slordig óf pronke rig kleeden. Het hangen op zijn zitplaats. Het dutten en slapen in de kerk. Het noodzak en van de kerkmeesters dat ze borden moeten ophangen, om het bevuilen en bespuwen van de vloere n te voorkomen, en zooveel meer. Dit
alles
is
door
verzoenlijken strijd
is
aangezicht verschijnt,
en door ongereformeerd, omdat het alles
koningen op audiëntie gaat. Schuld hieraan heeft zeer rekte
of
preek,
althans
al
in
on-
met de diepe grondgedachte, dat men voor Gods of gelijk we het uitdrukten, bij den Koning der
ook de va ak onna tuurlijk lang gevan d en Eeredienst wegdrong, het overige slechts als franje bij het laag afha ngende
die
bijna
stellig
elk ander stuk
kleed der predikatie voegde.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's