Pro rege - pagina 93
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
DE KONINGINNE DER WERELD.
87
zijn
korten duur, met zijn volle maat van menschelijke ellende, met
zijn
overloopende maat van ongerechtigheid, het leven
niet zijn.
Zoo
stond onze menschelijke existentie voor aller geest als wel hier be-
maar
gonnen, slechts
nimmer
als
aanvang
zijn
hier voleind. Veeleer als
wording,
en
om
hier
eerst straks in een
eeuwig
Men
rekende
volle, eindelooze ontplooiing
aanzijn tot zijn
hebbende
te
geraken.
met het sterven, men rekende met de ontzaglijke macht van den dood.
En de vraag wat
daarna
het
zijn
woog op
zou,
aller hart
en plaatste
elks innerlijk leven voor den Rechter van levenden en dooden. Heel
onze aardsche existentie verloor zich vergeleken
niet,
voor
poorte
En
ontsloot.
memento mori
het
het kleine,
ja,
bijna in het
die eindelooze eeuwigheid die in het sterven haar
bij
ons
in
dit
allesbeheerschende
moment van
vanzelf aan de verschijning voor den Al-
sloot
machtige aan, en deed zoo ons bevlekt en zondig aanzijn terugtre-
den voor voor
op
dit
Heiligheid. Vandaar vraagstukken en problemen, waar-
van Goddelijk
schat
zweem
aardsche leven geen
zelfs
existentie
licht
aan
kere
te vullen.
Verwachtingen, die anders
schaduwe des doods baande met vaste
verruimde,
hand
aan
verbreedde
leven
hier
het
zich.
En
gestalten aan.
eeuwige zelfs
in
vagen
in
Door de don-
aangesloten.
staande
het leven hiernamaals
en
met een
het ons een weg. Het tijdelijke
eeuwigheid, behield het hart van den mensch
Het
om
en Goddelijke ontferming deze leemte
vorm zweefden, namen hierdoor vaste werd
van oplossing bood. En
punt nu bood de Christelijke Religie zich aan,
dit
onze
zijn
aanzijn
voor de poort der gevoel van
zijn
werd
Ons
in
rust.
heilige eenheid
saamgevat. Eén geest kon beide doordringen. En de geest, die ons menschelijk leven hier nu reeds, en straks heid, bezielen zou,
was de
des Vaders gezeten, met was.
Eenheid alzoo
heilige
!
harmonie, die
die
het ingaan in de eeuwig-
geest van Christus, die, aan de rechterhand
alle
macht over levenden en dooden bekleed
Saamvatting van heel onze existentie uit
terde, en die vanzelf haar liefde",
bij
in
één
Christus als aller Koning ons tegenschit-
aanknoopingspunt vond
door God, als
aller
Schepper,
in
in die „natuurlijke
ons hart en
in
onze
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's