Onze eeredienst - pagina 345
HET NAÜEBED.
dat het niet bedoelt een korte resumtie van de predicatie
uitbreiding, te
341
zijn.
Reeds het
feit,
dat onze vaderen één vast gebed
„voor den middag
na de eerste predicatie" aan de kerken aanboden, bewijst dat
dit hun kon zijn. Een gebed toch, dat zich aan de predicatie aansluiten, zou eiken keer anders moeten zijn, omdat de predicatie
bedoeling zal
niet
gedurig verschilt.
was dan ook de bedoeling van onze vaderen, om
Kennelijk
bed
een zelfstandig deel van den „dienst der gebeden"
tot
Wel
te
dit
ge-
maken.
nagebed een geestelijke inleiding. Het begint met een belijdenis, met een stille verootmoediging voor den Heilige, en met een inroepen van zijn genade in Christus. Toch strekt die inleiding meer om den grond des gebeds naar het heilig paslood te leggen, opdat men indenke, wat ons recht geeft om te bidden, en welke de grond is, waarop we onze gebeden rusten doen. Geheel het verband toont dan ook duidelijk, dat het eigenlijke nagebed eerst begint, als die inleiding ten einde is, en men toekomt aan de woorden En overmits het U behaagt dat men bidde voor alle menschen, zoo bidden wij U dat Gij uw zegen wilt geven enz. Daarop volgt dan een breede reeks van voorbeden: 1. voor den met
ook
heeft
het
een uitgieting der
ziel,
:
kerken
der
dienst
Overheden; deelen,
ten
voor
de
om
voor hen die
eerste
geestelijke
in
2.
Gemeente
;
of
lichamelijke
3.
voor de wereldlijke
des geloofswil vervolgd worden; en
de nooden des gemeenen levens, en
voor
5.
;
voor hen die
4.
in
lijden,
ellende
zijn,
in
dit laatste
nood,
en
in
wel
in
twee
angst, kortom
ten andere voor
den
geregelden gang van het leven der menschen onder de gemeene Gratie,
zoo in de natuur, als in het menschelijk bedrijf. Deze voorbeden worden dan besloten door het Onze Vader, en uit het Onze Vader gaat de Gemeente over in de belijdenis, door, nu niet voor menschen, maar voor God in het gebed belijdenis te doen van de Artikelen des geloofs. Hierbij
zij
al
aanstonds
dat zulk een nagebed uitgaat
opgemerkt,
Gemeente geroepen is een priesterlijke Zij als taak te vervullen. Zij als Gemeente verstaat wat bidden is. Gemeente heeft den toegang tot den Troon der Genade. Zij als Gemeente leeft in het besef, dat ze om Jezus wil van den Vader verde
van
overtuiging,
dat
de
hoord wordt.
Ze die
staat
alleen
alzoo zij
in
de overtuiging, dat haar een taak
vervullen kan.
Ze
leeft
die aldus niet bidden kan en die toch
is
opgedragen,
het midden van een wereld. ook op haar beurt aan het ge-
in
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's