Onze eeredienst - pagina 547
DE BEVESTIGING
IN
HET AMBT.
543
Men was
er zich van bewust, dat het niet een ambt was in den zin van het ambt der Dienaren en Ouderlingen, maar wat het dan wel was, drong niet tot het algemeen besef door. Zoo sloop alras de gewoonte in, om de Ouderlingen te beschouwen als een aanhangsel der Dienaren, en de Diakenen als een aanhangsel der Ouderlingen, en
zoo
om te
en
zijn dan ook de opstellers van onze Formulieren er toe gekomen, voor de Bevestiging van de Diakenen geen afzonderlijk Formulier
geven, maar hun bevestiging in
te
lasschen
bij
die der Ouderlingen
het Formulier van de Bevestiging der Ouderlingen zekere zin-
in
schuiven, die dan voor de Diakenen dienst moesten doen,
sneden
in te
zoodat
beider
saam en met één
Bevestiging
Formulier
kon plaats
hebben.
Nu te
strekt
verheffen,
dit
van
den
eenen
kant
zeer
om
zeker
het Diaconaat
daar het als ambt met het ambt van de Ouderlingen in
werd genomen, maar van den anderen kant had dit toch de strekking, dat het Diaconaat als bijzaak werd opgevat, en zoodoende ook in het Formulier niet tot zijn recht kon komen wat te
verband
;
betreuren
is.
Te ontkennen
dan ook niet, dat over het Diaconaat in dit wordt heen geloopen. Voor wat de positie en de taak der Ouderlingen aangaat, besteedt het Formulier hieraan 120 regels en waar nu evenzoo de positie en de roeping der Diakenen zal worden uiteengezet, loopt dit in nog geen 50 regels af. En niet alleen dat de positie en de taak der Diakenen zeer in 't kort worden afgehandeld, maar er ontbreekt ook bijna alle wijding aan. Zoo vangt het aan met te zeggen, dat men aangaande de Diakenen omtrent hun oorsprong en instelling iets lezen kan in de Handelingen der Apostelen. Reeds dit maakt geen verheffende indruk. En dan volgt breed uitgemeten het verhaal uit Handelingen VI, waaraan dan ten slotte alleen nog wordt toegevoegd, dat Paulus spreekt van „wie uitdeelt, in eenvoudigheid" „en elders" zoo heet het dan verder „sprekende van de behulpsels, bedoelt hij degenen, die in de Formulier
valt
eenigszins
;
Gemeente gesteld nood".
Eerst
zijn,
alzoo,
om
dat
—
—
;
de armen en ellendigen
men een
stuk
historie
te
in
helpen
in
den
de Handelingen
dan dat Paulus, van de gaven sprekend, ook over het uithij, met van behulpsels te spreken, doelde op de Diakenen. Een betoog alzoo zonder kracht of klem en in woorden, die alle plechtigheid en deftigheid missen. Men gevoelt zoo, er zat bij de opstellers van het Formulier nog geen liefde en geen bezieling voor de zaak achter. Nu ja, er waren armen. Voor kan lezen
deden
;
handelt, en ten slotte de verzinning, dat
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's