Onze eeredienst - pagina 426
DE OVERGANG VAN DEN HEILIGEN DOOP TOT HET HEILIG AVONDMAAL.
422
door het doen van belijdenis aanzoek deed om als worden opgenomen. De kerk nam zulk een belijder dan aan, zoo werd hij aangenomen, en zoo eerst werd hij geacht tot het lichaam der kerk te behooren en er een lidmaat van te zijn. Met geheel dit spreken van „aanneming" en met heel dit onderscheid tusschen leden en lidmaten zal daarom eens voor goed te breken zijn.
op
eerst lid
in
later jaren
de kerk
te
Wat bedoeld
werd, is niet anders dan het doen van belijdenis, en het grond van die belijdenis toegelaten worden tot het H. Avondmaal.
op
XCIX.
Qe overgang van den Dat
er
tusschen
heiligen
Doop
Doop
tot het heilig
Avondmaal.
en Avondmaal een overgang moet
(
Vervolg)
zijn,
zoo
Doop aan
het jonge, nog onbewuste kindeke is toebediend, spreekt Naar den Doop kan men gedragen worden, tot het Avondmaal gaat men in eigen persoon zelf. Eer de kerk den toegang tot het Avondmaal kan toelaten, dient alzoo gebleken te zijn, of uit het gedoopte kindeke een belijder is opgegroeid. Dit moet op de een of
de
vanzelf.
andere
wijze
geconstateerd worden, en het
Vormsel opgekomen
uit
is
de zucht
om
dit te
Een gebruik dat op zich-zelf niet is af te keuren, en waaraan zelfs een element van waarheid voor het kerkelijk leven ten grondslag ligt, maar dat we weigeren als Sacrament te eeren, reeds hierom overmits de uitdrukkelijke instelling van het Hoofd der kerk hier ten eenenmale ontbreekt. Bij den constateeren,
dat
het
Doop handelen we alle
volken,
ze
ingevolge het Doopbevel
doopende"
en
;
bij
het
is.
:
„Gaat heen, onderwijst
Avondmaal gehoorzamen we te mijner gedachtenis"; maar
aan de ordinantie des Heeren „Doet dit voor wat het Vormsel bedoelt, ontbreekt elk daarmee gelijk te stellen bevel van Christus. Hetzelfde geldt ten aanzien van het element en de beteekenende zaak. Het element bij den Doop is het water, bij het Avondmaal brood en wijn, doch voor het Vormsel is door Christus geen element aangewezen. Men bezigt de olie ter zalving, maar deze :
aanwending berust op eigen vinding. En wat van het element of teeken geldt, geldt evenzoo van de beteekende zaak. Bij den Doop spreekt in het teeken de afwassching der zonde, en bij het Avondmaal spreekt in brood en wijn het lichaam en bloed des Heeren doch ook te dezen opzichte laat het Vormsel ;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's