Pro rege - pagina 166
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
PRO REGE.
160
den vloek ontredderde Natuur bedwingen kon. Maar ook zoo einde
het
tot
toe
wondermacht een menschelijke macht,
zijn
blijft
d.
i.
een macht, vallende binnen het kader van onze menschelijke natuur; mits ge dat kader maar niet neemt, gelijk het nu
Adam
in
was, en u dan dat kader, dat
gevoerd
de
tot
hoogste
wonderen en teekenen een macht, maar het
gaat,
is
en
hem gegeven was; die
zien, zijn
des
blijft
een macht die
verheerlijkte
werkt
ontving, een
die
gemeente, dat
God kon
als
hij
in zijn
uit-
macht die
macht een macht
is
te
heeft zich door als
Zelfs in zijn verheerlijking zijner
gelijk het
boven onze macht
Godheid, maar
niet in zijn
Hoofd
Zoon des menschen, want ;
er
als zelf-God, uit zich zelf bezat. Hij
hij,
menschen geopenbaard.
worden
hij
in
maar
was, denkt als op-
spreekt,
die verre
en ge dwaalt, door
wonderen en teekenen
het
hij
Er
voleinding.
is,
Adam
in
den Zoon
is
en
blijft
de verheerlijkte
uiteraard niet verheerlijkt
en ook van die hem toegekomen heerlijkheid wordt door
den apostel betuigd, dat
met hem eens
zijn verlosten
als
Koningen
heerschen zullen, en dat ons nu vernederd lichaam gelijk zal worden
gemaakt aan
hang van
lichaam.
Op
het verband en den
samen-
Goddelijke en menschelijke natuur kan hier niet worden
maar met nadruk moest toch op den voorgrond worden
ingegaan,
dat
gesteld,
zijn verheerlijkt
zijn
zich
ten
eenenmale
vergist,
wie
de wonderen en
in
teekenen van onzen Heiland onmiddellijk Goddelijke wonderen en
niet erkent, dat het al te
was van den mensch Jezus des
menschen.
stond,
Zooals
zoo
stond
Adam met
Jezus
schappij,
die
in
wondermacht in
omringen
de
de
tegenover
hem
het
schittert
woestijn
(zie
in
nog van den Zoon
majesteit bekleed in het paradijs
Jezus opgevoerd
tot
haar volein-
ook op de door den vloek verwilderde schepping,
rijken der Natuur. In
Als
Christus, of juister
maar dan die majesteit
ding, en toegepast
ziet,
gader één wondere machtsopenbaring
Marcus
is
demonenwereld
en tegenover alle
de heerschappij, de Koninklijke heer=
Paradijs
teloor
ging, teruggekeerd. In Jezus'
weer de glorie van den mensch-koning. der 1
:
verzoeking
„de wilde gedierten" Jezus
13), herleeft
het heerlijk tafereel uit het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's