Onze eeredienst - pagina 481
BEDIENING VAN HET HEILIÜ AVONDMAAL.
ééne leger aan die van het andere het
optreden
van
Het kan
wicht.
om
ordonnans,
een
bode,
wil mededeelen, zendt
zijn schrijven
ordonnans
dien
zijn,
iets
477
tot
over
te
hij
een
Dit maakt
brengen.
een zaak van het hoogste ge-
dat het effect van zijn boodschap over een veld-
Maar van hoeveel gewicht die boodschap ook zij, bode blijft eenvoudig bode, dienaar en ordinans. Niets wordt in zijn macht gesteld. Hij heeft eenvoudig het ontvangen bevel, zijn last uit te voeren, zich te voegen en te schikken naar wat hem is opgedragen, slag zal beslissen.
de
en
voorts zich terug
te
trekken.
Persoonlijk
blijft
hij
die
hij
was, en
een gansch onbeteekenende persoon
is. En ook hier. Om de instelling van zijn Sacrament in stand te houden en waar te maken, laat Christus het aanrichten en uitdeden. Voor die aanrichting en uitdeeling heeft Hij personen van noode. Die personen stelt Hij daartoe in het ambt. En in dit ambt gesteld zijnde, zijn zij nu de personen die er de wondere werking van mogelijk maken. Niet, alsof zij er hunnerzijds iets aan toevoegden, maar indien zin, dat alzoo dit Sacrament alleen op last van Christus wordt toebereid en toegediend, en dat alleen uit een Sacrament op last van Christus uitgedeeld, de geestelijke werking van zijn gemeenschap volgt. In de eerste tijden na zijn hemelvaart was die last gelegd op de maar hierbij kon het niet blijven. De Apostelen waren Apostelen aan tijd en plaats gebonden zoodra er zich dus in honderden plaatsen Gemeenten vormden, konden de Apostelen zelve in die Gemeenten niet meer voorgaan, maar moesten anderen als dragers van het ambt hen vervangen. En toen de dagen der Apostelen voleind waren en zij ten grave werden uitgedragen, kon niet anders dan door de aangestelde ambtsdragers in de Gemeente hun last worden overgenomen. Deze overgang en overdracht eenmaal begonnen zijnde, moest van geslacht op geslacht zich voortzetten, zoodat waar de eene ambtsdrager wegviel, de andere hem opvolgde. Dit is zoo van eeuw op eeuw doorgegaan, en het is in die orde, dat ook de tegenwoordige voorgangers in de Gemeente dragers van deze last zijn geworden.
kan het zoo
is
zelfs zijn, dat hij
het
;
Of deze overdracht niet soms gestoord is, zoodat er vernieuwing van last moest plaats hebben, zij hier in het midden gelaten waar liet op aan komt, is alleen, dat de Dienaar die het Sacrament uitdeelt, zich er wel van bewust zij, dat hij van Christus den last ontvangen heeft om te doen wat hij doet, en dat hij hierin zichzelven niets aanmatigt. Omtrent de verdiensten van zulk een ambtsdrager zegt dit niets. Het kan zeer wel zijn, dat er aan den disch personen aanzitten. ;
die
iii
Godzaligheid
verre
boven
hem
uitgaan en
in
kennisse
Gods
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's