Onze eeredienst - pagina 375
BEDIENING VAN DEN HEILIGEN DOOP.
371
We
weten dat die reHet staat
dien regel zonder nader onderzoek gel
volstrekt
krachtens
niet
alle
volgen.
voor
hoofd dekt.
ervaring vast, dat lang niet alle kinderen,
de
geloovig
ouders
geboren,
blinde
gehoorzaamheid
zijn
of
gevraagd,
worden. in
dien
Er
uit
geloovige
wordt van ons hier de verantwoordevoor onze rekening
zin dat
dien regel niet op ons rust en niet
voor
lijkheid
te
hoofd
kinderen
komt.
En
het
nu
is
voortvloeit,
plichting
regel, dat als noodzakelijk
dezen
uit
den kinder-doop
in
gevolg de ver-
het midden der Gemeente
te
bedienen.
Wat Moet worden
toch
het geval ?
is
kindeke, dat
elk
geloovige ouders geboren wordt, geacht
uit
te zijn", en alzoo op men voor de bepaling wie al gaat dan den Doop recht te dan niet te doopen is, van de kinderen op de ouders terug. De vraag dan niet, of er geloof in het kindeke, maar of er geloof in den is
„als een lidmaat
van Christus geheiligd
hebben,
vader, of
c.
de moeder
in
q.
is.
Er zijn ook moeder geloof is, is dus hypocrieten. De voor hem die den Doop bedienen zal, niet uitgemaakt met een verEr moet hier een oordeel worklaring van den vader of de moeder. den geveld, niet door die personen zelve, maar door een ander over Wordt aan den Dienaar des Woords opgedragen, aan het kinhen. deke uit geloovige ouders geboren, den Doop te bedienen, dan moet de kerk die hem dit opdraagt, hem ook aanwijzing doen van de ouders die hij als „geloovig" te beschouwen heeft. Het staat niet aan hem, dit zelf alleen te beoordeelen. Voor dit oordeel is heel de Kerkeraad, en met den Kerkeraad heel de Gemeente zelve verantwoor-
Ook
dit echter is
geen wiskundig vaststaand gegeven.
vraag
of
er
in
vader
of
delijk.
Zette
God
aan
een waarachtig geloovige een uitwendig teeken, op
wat wijs ook, dan had men
dit
oordeel van den Kerkeraad of van de
Gemeente niet noodig. Ieder kon het dan zien, ook de Dienaar des Woords, en geen aarzeling of onzekerheid ware mogelijk. Doch dit En evenmin beis niet zoo. Er is geen uitwendig kenbaar teeken. zitten wij het middel om op onbedriegelijke wijze in iemands hart te gluren, om waar te nemen, of hij van binnen dood is, dan wel leeft. Men kan dus niet anders afgaan dan op wat hijzelf uit in woorden, gedragingen leven.
en
werken,
Daaruit moet
opgemaakt. En het
is
het
of
gelijk
blijken.
het kortweg heet, in belijdenis en
Daaruit
moet het oordeel worden
de hoogernstige taak van den Kerkeraad vooralle
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's