Onze eeredienst - pagina 356
352
DE KERKELIJKE PLECHTIGHEDEN.
omdat de
sterke uitbreiding van de schare der geloovigen op den duur dat verwaarloozen van de vormen verbood. Er zijn ook in het godsdienstig leven tijden van verheffing, tijden van evenwicht en tijden van inzinking. Men moge dit betreuren, maar het is eenvoudig zoo. De verheffing des geestes, waarin Israël na de Roode Zee te zijn doorgetogen aan den oever stond, was schitniet,
terend
en
bezielend,
maar ze
hield geen stand toen de lange
woes-
begonnen was.
Zoo lang de apostelen nog leefden, heerschte er in het eerste jonge leven der pas opgekomen en vervolgde Gemeenten, een zeer hooge stemming des gemoeds, die het saamleven rijk maakte, maar deze week en zonk in, toen na den dood der apostelen en na het ophouden der vervolging het leven zijn gewonen loop hernam. En zoo ook was het in de dagen der Reformatie, in de dagen tijnreis
van het Réveil, en zelfs in de dagen der Scheiding en der Doleantie. Telkens begon het met een heilige verheffing des geestelijken levens, die koesterend en weldadig aandeed, maar steeds volgden kalmer dagen waarin de gewone stemming des gemoeds haar rechten hernam. Dit onderscheid nu oefende steeds rechtstreekschen invloed op de wijze
waarop de eeredienst toeging. geestelijk leven zoo
In dagen van hooge stemming was het opgewekt, dat men naar niets anders dan naar het
genoeg aan had, en volop genoot in de van den Geest onder predicatie, gebed en gezang uitging.
geestelijke vroeg, er in elk opzicht rijke uiting die
Maar werd de stemming meer een
kwam
ze
vormen van
dat
de
inzinking geestelijke
vormelijke
richtte,
in
natuurlijk
ordinaire, een
evenwicht, dan
dan deed zich het uiting zich inkromp en aan,
uiting,
die
zich
meer op
meer gelijkmatige,
had men behoefte aan
En braken de droeve da-
die de geestelijke uiting steunden.
gen de
meer
pijnlijk verschijnsel
de
haar
kracht
voor,
verloor, en
zinnen dan op de
ziel
de overhand verkreeg.
En bij dit eerste verschijnsel kwam dan als vanzelf het tweede, waarop we wezen, de grootere toevloed der schare. De kerken in de dagen der apostelen waren blijkbaar klein. Men vergaderde aan huis in een opperzaal. Kerkgebouwen had men nog niet, en men had ze zelfs niet noodig. Wat in Jeruzalem op den Pinksterdag plaats greep, vormde een uitzondering. Die drie- en vijfduizend, waarvan we lezen, ware een scharen uit alle streken en oorden saamgevloeid, die voor het mecrendeel na het feest Jeruzalem weer verlieten, en nergens is in de apostolische letterkunde ook maar een spoor
te
ontdekken van een kerk, die haar zielen reeds
en tienduizenden zou hebben geteld.
bij
duizenden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's