Onze eeredienst - pagina 402
BEDIENING VAN DEN HEILIGEN DOOP.
398
met den goeden liturgischen regel. Is de predicatie ten einde gebracht, dan behoort aan de Gemeente te worden aangezegd, dat er nu alsnog bediening van den heiligen Doop staat te volgen. Zoo deed dan ook a Lasco wiens formulier aldus begint „Geliefde Broeders, thans hebben we over te gaan tot de bediening van den H. Doop, en hierbij sta op den voorgrond, dat we zullen doen naar Christus' ordinantiën. Daarna deze
drie
stukken
begrepen."
nu
Dit
is
in
strijd
:
dringt
hij
er
op aan dat geen kind gepresenteerd worde dat
niet tot
het zaad der kerk behoort, en dat de bediening zelve geheel conform
Doopbevel
het
geschiede,
om
het
leerstuk
van
te
bedienen
te
komen
tot
datgene
w. met een korte Verklaring van
t.
den heiligen Doop
uitgesproken, dat de
daarna
eerst
waarmee ons Formulier aanvangt,
;
Doop
iets
waarbij dan telkens wordt
volstrekt niet alleen die
Doop-
kindekens en hun familie aangaat, maar het zegel der genade voor geheel de
Gemeente
is.
seerd, geheel de kerk
Heel de kerk wordt er zoodoende bij geïntereswordt toegesproken, en zelfs de gedachte dat de
Doopbediening een apart iets tusschen den Dienaar en de Doopfamilie zou zijn, waar de Gemeente slechts bijzat, kon niet opkomen. Natuurlijk heeft de Synode, die onze Formulieren ijkte, dan ook in het minst niet bedoeld, dat daarom zulk een woord van inleiding bij ons zou moeten uitblijven, maar ze heeft dit aan den Dienaar zelf overgelaten. Het is daarom ongetwijfeld een tekort doen aan den eisen van goede Liturgie, zoo de Dienaar, zonder iets vooraf te zeggen, kortweg "het Formulier opslaat, en zonder een woord van inleiding begint „De hoofdsom van de leer des H. Doops is in deze drie stukken begrepen". Zijn roeping is het veeleer, het de Gemeente aan te zeggen, dat thans na afloop der predicatie bediening van het Sacrament des H. Doops staat te volgen, en dat ook deze bediening geheel de Gemeente aangaat. Leidt hij dan de bediening in met het laten zingen van een lied, dan kan na dit lied onverwijld met het voorlezen der Verklaring begonnen worden. Die Verklaring valt in tweeën uiteen. Eerst komen de drie grondslagen van den H. Doop, en daarna de bezegeling van den kinderdoop. De eerste drie stukken hebben betrekking op den Doop in het gemeen, het laatste uitsluitend op den kinderdoop. Vandaar dat bij den Doop van volwassen personen de drie eerste stukken letterlijk in het daarvoor bestemde Formulier zijn overgenomen, terwijl hetgeen dan over den kinder-doop volgt is weggelaten, en vervangen door wat op den volwassenen-doop slaat. :
Nu
zijn
die
drie
stukken
over de
grondslagen van den H.
Doop
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's