Onze eeredienst - pagina 166
VOOR DEN DIENST.
162
een stilte als in de natuur aan een onweder donder van Gods Woord, in de Schrift ook „de stemme Gods" genoemd, in heiligen eerbied en met diep ontzag te kunnen aanhooren. Dit standpunt nu is o. i. Luthersch, niet Gereformeerd, en we willen hiervan rekenschap geven. Volgens de Luthersche beginselen is er een ecclasia docens, d. w. z. er zijn ambtelijke personen, die de kerk in hun persoon vertegenwoordigen, en die als met hoog gezag bekleed, aan de geloovigen op aarde een boodschap van den Heilige Israëls komen aanzeggen. In verband hiermede is de kansel in echt Luthersche kerken altoos zeer hoog zoo
Men
wil plechtige
voorafgaat,
om
stilte,
straks den
,
hoog als het dragen van de stem slechts even toelaat. De prediker moet dan als een bazuinende engel uit den hemel verschijnen, die van den top van Sinaï of Sion tot de Gemeente spreekt. Die Gemeente bestaat dan uit „hoorders", hoorders die enkel om te hooren komen. Luisteren is hun eenige roeping, en wie goed luisteren zal, moet stil zijn. Doch zoo is ónze Belijdenis niet. Wij houden vergadering, wij houden een samenkomst. Een vergadeEen samenkomst van de geloovigen ter ring van broeders en zusters. „vergadering van geloovigen", dat straks En het is in deze plaatse. een met het ambt bekleede broeder zal voorgaan, opdat de vergadering goed geleid worde, en aan haar doel beantwoorde. Doch hieruit volgt dan ook, dat de opgekomene broeders en zusters hun vereenigingspunt niet enkel vinden in den prediker die spreken gaat, maar ook evenzoo in den broederband die hen saambindt, en in wat ze saam komen doen. En op dit standpunt nu is het eer onnatuurlijk, dat de vergaderende geloovigen beginnen moeten met muisstil, en als waren ze elkander wildvreemd, naast elkander
te
gaan
zitten.
dan natuurlijk moet ieder stil Maar dat men ook vóór de vergadering niet zou mogen spreken, geldt nergens, en door dit te verbieden, maakt men de samenkomst stijf, ontneemt haar het gezellig karakter van een vergadering, en maakt er een audiëntie van. Natuurlijk doet het rondpreeken in groote steden, zoodat er in elk gebouw telkens een ander „gehoor" zit, aan dit vertrouwelijk en gezellig karakter der samenkomsten afbreuk. Men kent elkander niet. Men zit naast vreemden. Naast broeders en zusters, ja, maar van wier broederschap of zusterschap men niets Als de vergadering zelve geopend
zijn.
Dat
is
in
elke
vergadering
is,
zoo.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's