Onze eeredienst - pagina 234
KNIELEND BIDDEN.
230
om
vrouw vraagt Een echt heidensche gedachte, alsof ooit eenig huwelijk gezegend kon zijn, dat met een soort aanbidding van de vrouw begon. Althans een Gereformeerde jongedochter zou zulk een jong man afstooten, zeggende: „Met u nooit." We knielen als goede Calvinisten nooit voor menschen, maar juist daarom te dieper voor God. Er zijn, dit is bekend, ook geheel andere houdingen die bij het bidden worden aangenomen. De Arabier werpt zich vlak en plat op den grond neder, met het aangezicht ter aarde en de handen uitgebreid. Ook onze gewoonte om bij het bidden -de oogen te sluiten en de handen saam te vouwen is ten deele conventioneel. Andere volken bidden met open, opgeslagen oogen, of ook met de handen hoog naar den hemel uitgebreid. En overmits ons nu in de Heilige Schrift nergens een stellig gebod gegeven is, welke de houding van ons lichaam onder het bidden zal zijn, voegt het ons niet dat we anderen oordeelen, omdat ze onze gewoonte niet volgen, en moet ons oordeel steeds vrij blijven, om telkens opnieuw de vraag, welke houding het raadzaamst zij, onder de oogen te zien. Hiertoe nu is historisch de vraag te stellen, hoe wij van het knielen foeilijke
gewoonte,
de kerk
in
voor
geknield
als
Vast knielen
zoo
bij
zijn
toch in
de
nederliggend voor
tot
te stellen.
afgekomen.
staat
het
een jong man, die een meisje
haar
het,
dat
bij
het uitbreken van de Hervorming het
nog geheel Roomsche kerk vaste gewoonte was, als bij het ontvangen van het Sacrament des ook getuigt de historie, gelijk we boven reeds op-
toen
bidden,
Avondmaals.
En
merkten, dat
men
in
de eerste eeuw na het uitbreken der Reformatie,
bleef knielen.
De
kwam
van overzee, onder den invloed van den strijd der Puriteinen tegen de Episcopale kerk van Engeland. Die kerk kende opzettelijk aan de ceremoniën een waarde toe, die haar door de Puriteinen betwist werd. Men gevoelde maar al te zeer, dat de Episcopale kerk wel brak met het primaat van den Paus, maar in haar wezen nog te zeer op den ouden stroom dreef. En juist door deze kerk nu werd, gelijk op tal van andere ceremoniën, zoo ook op keer hierin
nadruk gelegd. Het knielen werd er tot een Het was alsof in het knielen als zoodanig een „goed werk", een daad van piëteit school. En daartegen nu kwamen de Puriteinen op. Ze zagen het gevaar in, hetwelk thans zoo duidelijk in Engeland aan het licht treedt, dat uit
het
knielen
bijzondere
soort van religie gemaakt.
deze
te
groote
gehechtheid aan het ceremonieele, straks het valsche
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's